Een open brief aan Nederland

Wat er mis is met Nederland

Een open brief aan Nederland, van Willem Wind.

Steeds vaker doemt bij mij het beeld op dat de overheid zich opstelt als zeurende ouders. Die hebben het goede voor met hun kinderen maar kunnen niets beters verzinnen dan net zolang praten totdat de kinderen zo ongeveer doen wat hen verteld wordt. Of de kinderen dat willen of er zelf beter van worden is nooit de vraag. De zeurende ouders hebben plannen met hun kinderen en daar moeten ze naartoe gepraat worden.

Om dit punt helder te maken kan ik vele voorbeelden geven. Als eerste de politie. Als die je aanhoudt zeurt die minimaal een kwartier lang over wat je wel niet verkeerd doet en hoe gevaarlijk dat is en wat de consequenties zijn. Zeggen dat je dat ook wel weet maakt het erger want dan beginnen ze gewoon weer overnieuw. Ja en amen zeggen werkt het snelst. En de boete gewoon betalen want de incasso van de overheid gebruikt alle mogelijkheden tot aan gijzeling toe om je te laten betalen.
Op zich is dit niet een probleem.

Een ander voorbeeld is het UWV. Die zeurt dat je moet solliciteren en klaar staan om te gaan werken. Die zeurt zelfs als je kanker hebt met een half jaar te leven, dat je moet gaan werken want een uitkering..blah, blah, blah.. Ze zeuren zo mensen uit de uitkering die het wel op een andere manier kunnen overleven. De uitkeringstrekkers reageren op het gezeur met meer gezeur.
Op zich is dit niet het probleem.

Het onderwijs zegt dat ze wel willen maar niet mogen om bv thuiszitters of hoogbegaafden goed onderwijs te geven. De overheid zegt dat ze het wel mogen maar niet willen. Passend onderwijs komt zo niet van de grond. En in plaats dat de overheid mee gaat denken met het onderwijs, zeurt het gewoon door dat het wel zo moet. Kamp en Dekker zijn voor mij de graadmeters van het gezeur.
Op zich is dit niet het probleem.

Ook aardbevingen probeert de overheid met zeuren te dempen. Het komt goed, we zijn goed bezig tot de volgende aardbeving er is en de overheid eindelijk afstapt van zeuren en iets doet.
Op zich is dit niet het probleem.

Het zeuren van de overheid komt ook door de goede rapporten die Nederland krijgt voor bv. het onderwijs en economie. We staan er goed voor volgens de overheid, met Rutte voorop en dat moet het volk ook accepteren. Het volk(de kinderen) kan niet alles krijgen wat het wil en dat klopt.
Op zich is dit niet het probleem.

Politici willen ook nog wel eens mensen van het volk bevragen wat die nu willen. Vooral PVV-stemmers zijn daarvoor uitverkoren. En als ik die gesprekken beluister kan ik niet aan de indruk ontkomen dat dit erg lijkt op een gesprek van een ouder met een recalcitrant kind. De ouder zeurt net zolang totdat het kind op enige manier instemt met de redenaties van de ouder. De ouder heeft plannen met het kind en dat moet gebeuren, met of zonder instemming van het kind. Die weet tenslotte niet wat goed is voor hem of haar. Als voorbeelden het straffe beleid omtrent roken, levenslang leren, overgewicht, zelf carrière plannen en uitvoeren, blijven werken, drank, uitgezonderd drugs, constant sporten, alle regels naleven, etc., etc, etc..
Op zich is dit niet het probleem.

Maar alles bij elkaar tipt nu het zeuren, iets wat de overheid altijd al gedaan heeft, net over een kritisch punt. Wij vinden een zeurende overheid best goed. Zeker als het zeurt tegen de buurman of buurvrouw. Een zeurende overheid wil het goede voor ons en dat willen wij ook. Maar het gezeur moet een haalbaar doel hebben. Het moet geven en nemen zijn en ons in onze waarde laten. Tenminste een beetje. En dat wordt steeds minder zo gevoeld. En wat doe je als volk dan tegen het gezeur? Dan ga je redeneren en reageren als een kind. Zolang de reactie verbijstering, ontzetting of ongeloof oplevert is het een goede reactie. En dan is de waarheid en zijn feiten niet ter zake doende. Als je het kunt is het prachtig om de verbijstering te zien als je een feit niet accepteert als zijnde waar. En het gaat je dan op dat moment om die verbijstering. Daar scoor je mee tegen dat gezeur.

En wat wil het volk dan wel, wat maakt dat het recalcitrante kind weer normaal functioneert? Meer zeuren, een hardere aanpak, zonder eten naar bed? Wat denkt u?

Het volk wil wat het altijd al wil. Een redelijk deel van het inkomen als vrij besteedbaar kunnen gebruiken. Je eigen kinderen en de kinderen die je kent doen het goed op school of ze krijgen een goede beroepsopleiding. De overheid helpt je mee als je klem komt te zitten. Je kinderen en die je kent krijgen het net zo goed en liever iets beter dan dat je het zelf hebt. En het volk wil graag een idealistische plek in het vooruitzicht hebben, een plek die nooit zal bestaan maar waar we wel naar op weg kunnen gaan. Zonder ooit aan te komen. Een aarde zonder vervuiling, zonder uitbuiting, met een eerlijke verdeling van al het goede van het leven. Maar die wandeling mag het eerste niet in gevaar brengen. Die idylle is mooi maar we moeten wel een beetje leuk kunnen leven!

Als ouder weet je eigenlijk wel dat je het verliest van een recalcitrant kind. Het kan lang duren of kort, het kind wint want die maakt het niet uit of diens wereld in elkaar stort of niet. Die kan wel wat dagen zonder eten en die weet dat het als het om leven en dood gaat, toch wel beschermd of gered zal worden. Het kind weet dat. En de ouder weet ook, zeker na wat proberen, dat het niet zal lukken. En de enige die hier iets aan kan doen is de ouder. Die moet toegeven en die moet milder worden. Die moet echt gaan luisteren en het kind geven wat het wil en nodig heeft. Zonder bijbedoelingen en het kind feitelijk het respect geven dat het verdient.

Voor mij is het duidelijk. De overheid, dat wat het volk ervaart en tegenkomt als overheid, moet minder zeuren en meer het volk helpen en ondersteunen. Dat geldt in alle geledingen, van uitkeringen, voedselbanken, daklozen, werkgelegenheid en werkzekerheid, gezondheidszorg met altijd in het achterhoofd de hoofdzaken die het volk in eerste instantie wil. De rest is optioneel.

Het gaat niet om de Islam, niet om de vluchtelingen, niet om de rijke elite, niet om de afstand tussen volk en regering, het gaat niet om het koningshuis of een premier die wil dat we zelfstandiger worden en daar de ruimte niet bij geeft om dat te kunnen, het gaat om de redelijke eis van elk volk: genoeg geld om van te leven en dat je kinderen het goed of beter hebben dan jezelf op die leeftijd.

Overheid, zeur niet zo en doe het goede voor het volk. Anders worden meer mensen recalcitrant en is het volk steeds meer bereidwillig om alles op de waagschaal te zetten. En dat is de schuld van de overheid, nooit van het volk.

Willem Wind.
3-1-2017

Ook beschikbaar in PDF

5 gedachten over “Een open brief aan Nederland”

  1. Wanneer leraren zeuren dat het kind de leerlijnen niet haalt. Dat jaren doorgaat. Het kind hoog en laag scoort. Het kind toch weer gezeur krijgt. Het kind het niet meer aankan. De leraar gaat zeuren bij de ouders. Die verbaast reageren. Het kind dat gaat trekken met het gezicht. Of baldadig wordt. De leraar en de directeur gaan nu zeuren. De ouders ongerust, die nu ook thuis een kind hebben met een kort lontje of een kind dat wegkruipt en meer gaat trekken met dat gezicht. Een kind dat het opgeeft en zijn taal afraffelt. Het kind dat we gaan betitelen als ‘met dyslexie’.
    Het kind dat we gaan opnemen in een kliniek. Omdat we al jaren tegen het kind zeuren dat het zichzelf niet mag zijn. En het kind dat zichzelf nu heeft verloren. Soms zelfs de band met de ouders heeft verloren. Omdat het kind niet beantwoordde aan ‘het model leerling’. Die ‘model leerling’ die ik nog nooit tegengekomen ben. Die Ken of Barbie, die in het echte leven een karikatuur zouden zijn. leerlijnen. Ook zoiets ‘technisch’, ‘abstracts’. Wat we met de moed der wanhoop vasthouden. Want leraren hebben altijd gelijk. Ook als ze ongelijk hebben.

  2. De vraag die denk ik naast je betoog rijst is “Binnen welk krachtenveld is deze zeurende overheid ontstaan?” In de zoektocht naar het antwoord op die vraag komen we – denk ik- vanzelf een net zo hard zeurende burger tegen, die voor elk probleem een overkoepelende oplossing wil. Ik heb het daarbij niet over excessen zoals de situatie van burgers in Groningen, die jarenlang door de overheid, al dan niet vermomd als de NAM (50% Nederlandse Staat) in het pak zijn genaaid. Ik bedoel het overgrote deel aan onvolkomenheden in de maatschappij waarin onmiddellijk naar de overheid wordt gekeken voor een oplossing. Dat uit zich uiteindelijk in bijvoorbeeld de brave diender die de hardrijder na aanhouding op de snelweg eerst van een moralistisch praatje voorziet, waarna de bon volgt. Of het al decennia in permanente staat van verbouwing zijnde onderwijsbestel, waar nooit een goede balans bereikt kan worden: kapot gereorganiseerd. Resumé: overheid en burger hebben elkaar bij de strot, de een niet in staat om te voldoen aan de verwachting van de ander. Daarbinnen functioneren types als Kamp heel goed: de “verdeel- en heers” tactici zijn geknipt hiervoor. Wat echter echt killing is, is dat de ruimte voor creatieve oplossingen steeds kleiner kan worden, door een oerwoud aan regeltjes, gemaakt om de grote groep zeurende burgers van een antwoord te kunnen voorzien. Creatieve geesten (en ja: open deur, daar zitten wat mij betreft veel HB-ers bij) zullen hun recalcitrante beetje voor moeten zetten om deze impasse te doorbreken. Hoe? Ik denk er graag samen met anderen over na, maar een deel van de oplossing zal zijn dat er in de volle breedte wat minder naar elkaar gezeurd moet worden.

    1. Bedankt voor je reactie, Hans. Ik ben het grotendeels wel met je eens maar volgens mij ligt de sleutel toch meer in de hoek van de Overheid. Net als de sleutel van zeurende kinderen bij de ouders(moeder) ligt. Het gaat m.i. om de ruimte die je krijgt als burger of als kind om met plezier te kunnen functioneren.
      Die ruimte waarin de burger mag functioneren wordt al tijden steeds meer beperkt door de Overheid door financiële redenen, als antwoord op zeurende belangengroepen die een eigen agenda hebben
      en omdat veel Nederlanders graag orde om zich heen zien.
      Maar die ruimte voor de burger is nu juist hard nodig omdat de Overheid zich terugtrekt, terecht overigens, en veel meer eigen initiatief wil laten bij de burger.
      Deze spagaat maakt dat de burger gaat terugklieren in sterkere mate dan normaal. Zij klaagt harder, zeurt gewoonweg en gebruikt o.a. de democratische regels door op veel kleine partijen te stemmen en daardoor de Overheid het lekker moeilijk te maken. We genieten van de moeilijke gezichten van politici in de formatie en het regeren want als wij het moeilijk hebben, dan moeten zij het ook moeilijk hebben. Nu nog een salarisverlaging voor die lui en we zijn helemaal tevreden..:)

  3. Elke keer komt de succesvolle minister Kamp weer bij mij in gedachten. Hij kan heel goed klachten pareren met zijn omkeertruc. Naast het ‘U wilt wat, veel succes daarmee’ oftewel, ik kijk alleen toe, heeft hij het talent om de klager vast te pinnen op het eigen falen. Hetzelfde zie je nu ook in Amerika met Trump.
    Het is een flauwe manier om de ander de mond te snoeren of emotioneel te laten reageren waarmee je je gelijk alweer binnen hebt. En soms is dat terecht. Het probleem komt op tafel als álles als maakbaar gezien gaat worden waardoor de klager altijd ergens faalt. ‘U kunt toch gewoon ….’ wordt een standaard opening van een verwijt aan de klager.
    Het voordeel van deze handelswijze is dat de Overheid niet hoeft te luisteren. Alleen reageren met mogelijkheden en niet ingaan op het aanhalen van onmogelijkheden door de klager. De Overheid is makkelijker de besturen want het credo wordt: ‘luister alleen naar diegene die ons geld kan kosten of onze integriteit via de media, kan ondermijnen’. De rest stuur je simpel terug in hun hoek door de vinger te leggen op hun eigen falen.
    En zo heb je een slecht gebouwd huis in Groningen dat ‘zomaar’ instort en je hebt kinderen die je niet goed opvoedt voor deze maatschappij. In alle gevallen ligt de schuld bij de klager, de overheid treft geen blaam. Nog vervelender is het dat vele groeperingen zoals artsen en rechters deze methode ook gaan toepassen.
    Het blijft lastig want soms klopt deze zienswijze. Maar soms klopt die ook niet. De oplossing is luisteren en vanuit de ander het probleem zien en van daaruit oplossingen aandragen of maken. Dat is volwassen gedrag. Helaas is dat niet mediageniek en politiek lastig.

  4. Interessant betoog, wat me enigszins doet denken aan het onderstaande:

    De Nederlandse filosoof en historicus Johan Huizinga bedacht de term puerilisme om kinderachtigheid en kwajongensachtigheid in de politiek aan te duiden. Het woord gebruikte Huizinga voor het eerst in zijn boek “In de Schaduwen van morgen”.[1] In het boek “Homo ludens” (De Spelende Mens), gepubliceerd in 1938, werkte Huizinga de gedachte uit en daarin stelde hij dat alles wat wij mensen samen doen spel is. Volgens Huizinga is het spel ernstig en kan de inzet hoog zijn, maar het spelkarakter blijft. Huizinga noemde de fanatieke vorm van partijschap die hij in de jaren 30 zag puerilisme, naar het Latijnse woord “puer” dat knaap betekent. Hij beschuldigde de fascisten en de nazi’s ervan dat ze een politieke padvinderij waren. Huizinga noemde het spelgehalte in het “hedendaagsch maatschappelijk leven in het algemeen” dat ging over 1937, met inbegrip van het politieke leven spelvormen die min of meer bewust worden aangewend om “een maatschappelijken of staatkundigen toeleg te bedekken”. In dat geval heeft men volgens Huizinga niet te doen met het eeuwige spel-element der cultuur maar met vals spel. Er was in zijn ogen sprake van zich verbreidend puerilisme, een woord dat kinderachtigheid en kwajongensachtigheid in één term omvat. Kinderachtigheid en spel is niet hetzelfde.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.