Het gemak van een vloeiende definitie

Steeds vaker hoor en lees ik dat iemand vindt dat hoogbegaafdheid en een uitzonderlijke intelligentie niet samen hoeven te gaan. Voor mij is dat een bijzondere opmerking want begaafdheid is nauw verwant met intelligentie. Scoor je laag op een IQ-test dan ben je laagbegaafd, etc.. Ook Van Dale is deze mening toegedaan en ik vind dat we ons minstens moeten houden aan dit instituut bij het gebruik van woorden. Niettemin is hoogbegaafd een uitzondering op deze normale regel en dat doet me denken dat er mensen zijn die wellicht jaloers zijn op hoogbegaafden. Alsof dat een feest is of een verdienste. Mocht dit waar zijn dan zou ik toch verwachten dat er minimaal een half miljoen zelf benoemde hoogbegaafden in Nederland zouden zijn. Gelet op de 4000+ leden van Mensa klopt dat niet. Wat kan hierachter zitten?

Ik kan me veel situaties voorstellen waarin mensen deze rare draai aan het woord hoogbegaafd willen geven. Een vader die er op gewezen wordt dat zijn zoon hoogbegaafd is en die bij zichzelf ook de eigenschappen opmerkt die de zoon speciaal maakt. Die vader kan in een situatie verkeren waarin het vervelend of zelfs gevaarlijk voor zijn carrière is om hiervoor ook uit de kast te komen. Dan is het makkelijker om te zeggen dat iemand met een uitzonderlijk hoog IQ niet automatisch hoogbegaafd hoeft te zijn. En een hulpverlener die er niet uitkomt met een client met een uitzonderlijke intelligentie heeft ook wel baat bij dit mooi gevonden onderscheid. Het maakt het leven weer wat makkelijker. Hetzelfde geldt voor scholen waar men geen oplossing weet noch biedt aan mensen met een uitzonderlijke intelligentie. En wat te denken aan werksituaties waarbij er niets gedaan hoeft te worden als er even dit onderscheid gemaakt wordt. “Hoogbegaafd is niet iedereen met een uitzonderlijke intelligentie.” Zelfs wetenschappers als prof. Span dragen bij aan deze vreemde constructie. Waarom wil men dit zo graag??

Als ik kijk naar de diverse groepen die iets doen of zeggen te doen voor hoogbegaafden, dan wordt het voor mij wel duidelijk. Scholen hebben een bepaald aanbod of willen iets gaan aanbieden voor deze groep. En dat doen ze met verve en dan is het irritant als een uitzonderlijk intelligente leerling niet wil meewerken. Of misschien kan die niet meewerken. Dan is zo’n opmerking wel handig. Hetzelfde geldt voor hulpverleners als ze er niet uitkomen met een client. Die is dan niet hoogbegaafd alhoewel die wel een uitzonderlijke intelligentie heeft.

Mensen hebben van elk soort mens een stereotype in gedachten. Dat werkt makkelijk en zorgt voor een vloeiende communicatie en goede omgang. Toen ik voor het eerst bewust homo’s tegenkwam heb ik ook een stereotype daarvan gemaakt, zo zijn dus homo’s in het wild, zeg maar. Maar dan kom je een stoere vent tegen die ook zegt homo te zijn en die past niet in mijn plaatje. Ik zeg dan niet tegen hem dat die zich aanstelt of liegt, ik pas, met moeite, mijn stereotype over homo’s zodanig aan dat ook hij er in past. Hetzelfde als die keer dat ik een absoluut niet creatieve homo tegen kwam. En ik dacht nog dat het me best gelukt was om homo’s te kunnen plaatsen en die waren allemaal heel creatief…

Het rare is dat eigenlijk niemand twijfelt aan het homo-zijn van een ander. Men heeft meer moeite met het stereotype in het eigen hoofd dat weer eens moet worden aangepast. En die moeite reflecteert in het bevragen van die homo: ben je wel zeker van je zaak? Ofwel, is het zinvol om mijn stereotype aan te passen aan jou?

Bij hoogbegaafden ligt dat allemaal anders. Velen reageren alsof ze jaloers zijn en je moet bewijzen dat je “het” bent. En dan nog wordt er getwijfeld over bv. de IQ-test of dat Mensa wel erg graag leden wil hebben en daardoor de test wat makkelijker maakt. Of… En als men het accepteert dan moet je ook voldoen aan hun stereotype van een hoogbegaafde. En als je dat niet doet dan ben je niet meer dan uitzonderlijk intelligent of eigenlijk een beetje dom.

Een vloeiende definitie zorgt er voor dat mensen niet hun stereotype in hun eigen hoofd hoeven aan te passen. Hoogbegaafden zijn zo en zo en als je daar niet aan voldoet, dan ben je dus niet hoogbegaafd. Ook al scoor je op een IQ-test 140, dat maakt dan niet uit.

Net als de homo’s moeten we onszelf laten zien en trots  zijn op onze hoogbegaafdheid. Ik ben hoogbegaafd en als ik niet pas in jouw opvatting van wat een hoogbegaafde is en doet, dan moet jij je opvatting veranderen zodanig dat ook ik er in pas. En als je een totaal andere hoogbegaafde tegenkomt, dan dien je ook die weer te gebruiken om jouw opvatting wat een hoogbegaafde is en doet, bij te stellen. Want iemand met een uitzonderlijke intelligentie, een IQ van binnen de 2% hoogste scoorders, meestal vanaf 132, is hoogbegaafd. Net als dat iemand met een IQ van binnen de 2% laagste scoorders laagbegaafd is. Dat is de afspraak en daar moeten we ons met zijn allen aan houden.

En ik snap dat veel mensen dit niet willen. Er is veel emotie rond dit woord en dat is eigenlijk overbodig. Beter zijn we niet, we zijn wel anders. En daar kun je niet eens jaloers op zijn want je weet niet wat het is. Evenmin dat wij weten wat het is om normaal begaafd te zijn. Pas je stereotype aan als je weer eens een aparte hoogbegaafde tegenkomt en zo groei je naar een passend beeld van alle hoogbegaafden. Ik doe dat nog steeds, wel minder maar toch, ook jij moet dat werk verrichten omdat hoogbegaafden dat recht hebben. Net als homo’s zijn wij mensen met rechten. Recht op bruikbaar onderwijs, recht op bescherming, recht op passend werk, recht op respect, recht op vrijheid en een eerlijke behandeling. En we hebben recht op een eerlijk stereotype in ieders hoofd.

Auteur: Willem Wind (uw gastheer)

Lees hier wie Willem Wind is.

10 gedachten over “Het gemak van een vloeiende definitie”

  1. Ik geloof eigenlijk niet in het bestaan van hoogbegaafdheid en als het al voorkomt dan is dat toch uiterst zelden; zoals laatst dat jongetje dat in het nieuws was; was nog heel jong maar daarvan had ik geen probleem dat hij hoogbegaafd is, doch, ‘k heb al vanalles gelezen op het internet over hoogbegaafd zijn en op school zijn die zogenaamde hoogbegaafden zéker niet in alle vakken goed; wie bv. goed is in talen en zinsgevingvakken, bv. maar slecht scoort met fysica en wiskunde is in mijn ogen niét hoogbegaafd; anders zou die bv. het ASO of TSO waar die vermoedelijk inzit probleemloos moeten kunnen afmaken en daarna hop, zonder problemen naar de universiteit!
    Weet u wat het probleem is met deze samenleving; dat men al vanaf heeel jonge leeftijd iemand wil definiëren, met heeel precieze etiketjes, misschien nog liefst een persoon van meerdere etiketjes voorzien zoals: autisme, (toch) hoogbegaafd en ADHD!
    Maar wij aanvaarden de ander niet meer simpelweg als zijnde iémand anders, nee, er moet zodanig een etiketje opgeplakt worden en in plaats van dan eventueel de omgeving (enigzins) aan te passen, haalt men zo ongeveer de persoon in kwestie uit zijn of haar normale biotoop, bemoeid zich ernstig met iemands leven maar ’t lijkt heeel moeilijk te zijn om een persoon, in casu een kind of jongere zich normaal te laten ontwikkelen!

  2. Dirk, je redenatie klopt niet.
    Veel autisten zijn ook hoogbegaafd en daardoor sneller geneigd tot egoïstisch handelen en in zekere zin zijn ze ook kortzichtig.
    Net als die bankiers die jij beschrijft dus. Maar daarnaast bezitten ze ook die kenmerken die volgens jou hoogbegaafdheid typeren.

    1. Sorry, tweede zin moest zijn:
      ‘Veel autisten zijn ook hoogbegaafd en door het autisme sneller geneigd tot egoïstisch handelen en in zekere zin zijn ze ook kortzichtig.’

    2. Wie zegt dat die autisten hoogbegaafd zijn? Ze zijn misschien enkel hoogintelligent. Want ik ga akkoord met de lijst van Heylighen (Wikipedia, zelfactualisatie), waarin ik me behalve op het vlak van durf wel erg goed herken: sterke morele overtuigingen, integer, eerlijk, minder gemotiveerd door beloning en bewondering, woede over onrechtvaardigheid en morele inbreuken, goed gevoel voor rechtvaardigheid, creatief, ongebruikelijk gevoel voor humor, helpt anderen zichzelf begrijpen, … Ik beweer niet dat ik zeker weet dat autisten deze eigenschappen allemaal niet hebben, maar dat is toch wat ik heb gelezen her en der.

      Ik ben benieuwd naar jouw inhoudelijke definitie van hoogbegaafdheid.

    3. Nu is het aan mij om een correctie aan te brengen; ik beweer niet dat alle autisten falen op het vlak van gevoel voor rechtvaardigheid. Ik heb net gelezen dat het juist andersom kan zijn, zij het dan door andere oorzaken dan “normalen”: “Indien het risicobeheer bij banken was uitbesteed aan autisten, zou misschien een financiële crisis zijn voorkomen.” http://www.volkskrant.nl/vk/nl/2844/Archief/archief/article/detail/3448764/2013/05/29/Is-autisme-of-adhd-een-talent.dhtml Hoe kom je er eigenlijk bij dat die topbankiers, waarvan je toch zou denken dat ze leiding kunnen geven en dus moeten kunnen omgaan met veel mensen, autist zouden kunnen zijn? ik denk eerder aan antisocialen zonder geweten of meelopers die geen nee durven zeggen, uit angst hun baan te verliezen.

  3. Ik heb zelden een artikel gezien waarin iemand zichzelf zo tegenspreekt. “Men heeft meer moeite met het stereotype in het eigen hoofd dat weer eens moet worden aangepast”. Inderdaad het stereotype dat hoogbegaafdheid hangt aan een één-dimensionale cognitieve test score van 132+. Ik denk dat het brein en talenten van mensen veel meer dimensionaal zijn dan dat. Bij een betoog rond het niet in vakjes duwen van mensen, maar juist een pleidooi voor begrip, een dergelijke redenering over het hoofd zien, gecombineerd met een één-dimensionale kijk op hoogbegaafdheid, getuigt van een score van 132+ …
    Kortom, ik ben het dus eens met de voorgaande 3 reacties.

    1. Hij spreekt zichzelf niet tegen. Hij maakt juist dat punt duidelijk dat jij hier probeert te maken.

  4. Je hebt gelijk, Jonathan. Stel dat iemand hoogbegaafd lijkt, door snel, diepgaand, logisch, origineel, gedetailleerd, extreem accuraat, … te praten. Maar hij of zij heeft een concentratiestoornis, dyscalculie, een depressie, … en heeft daardoor geen score van 132. Die testen zijn niet zaligmakend.

  5. Sterker nog, ik heb het idee dat een IQ-test niet altijd de capaciteiten van een persoon correct weergeeft. Met andere woorden: Iemand die (net) niet hoogintelligent is, kan tóch hoogbegaafd zijn. Laatst heb ik bijvoorbeeld poepzat de nationale IQ-test meegedaan en daar kwam uit dat ik een score van 130 had. Tóch heb ik alle “eigenschappen” en “problemen” van een hoogbegaafde. (dat laatste is natuurlijk een beetje kromme argumentatie, maar mijn stelling blijft staan.)

  6. Ik ga niet akkoord. Voor mij geldt dat iedereen met een IQ dat zich in het tweede percentiel bevindt hoogintelligent is. Niet iedereen die heel slim is is extreem inquisitief, kritisch, creatief, zintuiglijk en vaak ook emotioneel fijngevoelig, perfectionistisch, veelzijdig, en heeft hoge normen o.a. op het vlak van rechtvaardigheid. … Bijvoorbeeld: de meeste topbankiers zijn heel intelligent. Maar hoe zij de hele wereldeconomie op een kortzichtige en uiterst egoïstische manier in gevaar brachten, wijst niet bepaald op hoogbegaafdheid.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.