Hoogbegaafden, de aantallen

Verspreid op deze website staan allerlei cijfers van aantallen hoogbegaafden in bv. de basisschool of totaal in Nederland en Vlaanderen. Om gezoek en irritatie te voorkomen heb ik ze hier verzameld.

Hoogbegaafd is iemand die scoort bij de top 2% op een standaard IQ-test. Die top 2% is in aantallen hetzelfde als 2% van de bevolking. Via het CBS heb ik de bevolkingscijfers van Nederland verwerkt in dit overzicht:

Een grafiek naar de indeling van het CBS, per 5 jaar:

De gebruikte cijfers van het CBS vind je hier.

In Vlaanderen wonen een kleine 6,5 miljoen mensen wat maakt dat er ook veel minder hoogbegaafden wonen. Qua oppervlakte is Vlaanderen 12.200 km2 groot en Nederland is 41.500 km2 groot. In Vlaanderen wonen er 479 mensen per km2(9,5 hoogbegaafden per km2), in Nederland wonen er 408 mensen per km2(8 hoogbegaafden per km2).

Onderstaande cijfers zijn gebaseerd op deze publicatie van de Belgische Overheid en op de aanname dat de bevolkingsopbouw in leeftijd niet erg veel zal verschillen met die van Nederland. Dit zijn de cijfers:

Een sleutel tot emancipatie gezocht

Er is steeds meer sprake van een behoefte om als groep hoogbegaafden geaccepteerd te worden door de samenleving. Er lijkt een taboe te zijn op hoogbegaafdheid binnen de GGZ volgens het IHBV en sommigen praten openlijk over een emancipatieproces dat nuttig kan zijn voor de hoogbegaafden als groep. En over het gebrek aan onderwijs is al veel bekend..

Als bijdrage aan deze discussie wil ik de vergelijking trekken met andere emancipatieprocessen. En de nadruk leggen op hun sleutels voor succes en grote stappen voorwaarts. Misschien kunnen we daar ons voordeel mee doen en als volgende groep geëmancipeerd raken.

Bij de vrouwenemancipatie was een sleutelmoment de eis aan de overheid
voor kiesrecht voor vrouwen. Op dat moment mochten vrouwen niet stemmen, niet in de politiek actief zijn en ze waren handelingsonbekwaam volgens de wet. Er was onder de vrouwen een toenemend verlangen om onafhankelijker te mogen en kunnen zijn. Om gezien te worden als volwaardig mens en dat hun mening er ook toe kan doen. Ik kan me voorstellen dat kiesrecht nou niet direct iets was waar vrouwen veel om gaven. Op wie moesten ze dan stemmen? Waar stem je dan op? De mannen deden dat politieke gedoe en als vrouw deed je gewoon niet aan politiek. Of je meldde je man waarop die moest stemmen. Maar de eis voor vrouwenkiesrecht had iets moois. Het was een eis waarop de overheid en samenleving ja of nee tegen kon zeggen. Het was één woord en dat verlangde één antwoord van de maatschappij. Simpel en er kon niet omheen gedraaid worden. De mannen in de politiek hebben uiteindelijk ja gezegd. En dat betekende veel meer dan alleen het algemene recht om te stemmen. Het betekende ook dat vrouwen politiek actief konden worden. En dat vrouwen niet meer als handelingsonbekwaam gezien konden worden want zij stemden mee over de toekomst van het land. De vrouwen kregen met die ene sleutel, vrouwenkiesrecht, een hele lawine op gang ten gunste van hun emancipatie.

Bij de emancipatie van de homoseksuelen is een dergelijke sleutel ook te vinden. Het openstellen van het huwelijk voor homostellen. In die tijd kwamen er mondjesmaat mensen uit de kast en ik denk niet dat velen dachten aan huwen. Velen wilden andere zaken en vooral vrijheid om te
zijn wie ze zijn en om te doen wát zij maar wilden doen. Hoe kom je dan op het idee om het huwelijk op te eisen? Maar ook hier is het één woord en daarop kan maar één antwoord komen door de overheid. Een ja of een nee. Uiteindelijk heeft de overheid ja gezegd en ook hier kwam de lawine op gang voor hun emancipatie. Met het huwelijk mochten echtgenoten medische beslissingen nemen voor hun partner in plaats van dit over te moeten laten aan de familie van de partner. Ze konden opeens erven naar de regels van de wet. Ze konden kinderen adopteren. Ze konden meedoen met de maatschappij. En dat is op gang gebracht door die ene eis: het homohuwelijk.

Nu ben ik op zoek naar onze sleutel. Wat kunnen wij eisen waar de overheid en samenleving ja of nee op kan zeggen? Het zal iets zijn waar we nu nauwelijks aan denken, nauwelijks waarde aan hechten. Een grappige eis met weinig waarde voor ons. Die eis zoek ik als het eentje is van 1 woord. Eén woord waar ja (of nee) op gezegd kan worden en waarmee onze lawine op gang komt.

Die ene eis bedenken is moeilijk en komt vaak organisch tot stand omdat de groep verandering wil en telkens haar neus stoot. En dan is er opeens een sleutel die pas later erkenning vindt. Daarom wil ik graag dat zoveel mogelijk mensen hun licht hierover willen werpen. Elke suggestie kan de goede zijn, hoe raar het nu ook klinkt. Denk buiten de box, geef je reactie en je eis hier op de website. Dat mag anoniem. Plaats de vraag ook in jouw kring, zodat zoveel mogelijk mensen hierover gaan nadenken en suggesties gaan geven. Hoe wilder hoe beter want dat heeft uiteindelijk ook andere groepen de sprong voorwaarts gegeven die zij zo hard nodig hadden en zo graag wilden!

Willem Wind.

Slim bezig zijn met labels

Hoogbegaafd ligt nog steeds moeilijk in de samenleving. Met het verstand weten steeds meer mensen wel dat het de groep betreft die bij de top 2% scoort op een standaard intelligentietest. Het gevoel blijft dat ze dan te maken hebben met superslimme mensen. Mensen die alles weten, alles
doorhebben, een soort Sherlock Holmes die supersnel alles kan en wil analyseren en die je nooit te slim af kunt zijn. Ik moet zeggen dat dit gevoel niet klopt. Het lijkt alsof het probleem in het woord hoogbegaafd zit maar volgens mij is het probleem er gewoon omdat we zo hoog scoren op een intelligentietest. We zijn uitzonderlijk intelligent zoals Van Dale het terecht opmerkt. En dat kan wat irritatie oproepen.

Dat gevoel in de samenleving dat niet klopt maar zich wel staande weet te houden, soms zelfs sterker wordt, maakt dat we overal ons iets of heel wat meer, nederig moeten opstellen om enige medewerking te krijgen. In het onderwijs om toch eens wat sneller of anders te mogen leren, op het werk om uitgedaagd te worden en gewaardeerd te worden om onze andere kijk. En die nederigheid zorgt voor oplossingen die niet werken of niet voldoen aan de behoeftes van die hoogbegaafde. Maar je moet wel ‘dank u’ zeggen, anders is de medewerking al weer snel verdwenen. Een spagaat waar je niet uitkomt.

Een slimme oplossing is om de groep op te delen. Vanuit het klassiek autismesyndroom leren we hoe deze mensen functioneren en dat exporteren we naar autisme-achtig gedrag en dan verruimen we de definitie en een deel van de doelgroep hoogbegaafden is veilig opgeborgen als ‘autist’ en heeft geen last meer van dat gevoel dat niet klopt maar wel leeft in de samenleving. (Asperger loste het probleem minder goed op, de
IQ-score was nog steeds aanwezig.) Hetzelfde doen we met ADHD, ADD, Hooggevoeligheid, Nieuwetijdskind, Persoonlijkheidsstoornis, Oppositioneel gedrag en ga zo maar door. De groep hoogbegaafden dunt zo mooi uit. En er zijn pillen en therapieën voor om ze toch een beetje ‘normaal’ te laten functioneren. Veel hoogbegaafden gaan hierin mee omdat ze slim zijn. Tegen de stroom inzwemmen is gewoon te vermoeiend en je komt er niet vooruit. Er zijn andere hoogbegaafden die slim genoeg zijn om hun mond te kunnen houden. En er zijn er die zich verdiepen in buiten-maatschappelijke theorieën. Dat is ook een slimme manier om er mee om te gaan.

Een paar hoogbegaafden zijn te koppig. Die blijven tegen de stroom in zwemmen omdat ze niet anders kunnen. Omdat ze niet anders willen. Omdat ze oplossingen zien om dat gevoel te verminderen, om de samenleving te laten zien wat ze missen als ze de hoogbegaafden blijven uitsluiten. En omdat ze niet meer zoals vroeger willen zijn. En omdat ze alle mensen, dus ook hoogbegaafden, een welvarend en gelukkig leven gunnen met hun oplossingen. Zij zijn niet slim.

Reacties zijn als altijd zeer welkom! En u kunt dit natuurlijk ook delen met uw vrienden op facebook, twitter of LinkedIn!

Worden hoogbegaafden genegeerd?

Dit was mijn respons op de vraag van een journalist waarom ik vind dat hoogbegaafden genegeerd worden:

Het beste voorbeeld kwam van Frans Corten op een symposium. Hij vergeleek ons emancipatietraject met die van de homoseksuelen. Het COC gaf al jaren een blaadje uit en stilaan kwamen daar advertenties in vanuit de doelgroep. Op het moment dat deze groep geaccepteerd werd door de samenleving kwamen er advertenties in hun blad van de grote bedrijven en anderen die niet binnen de doelgroep opereerden.

Afbeeldingsresultaat voor hiquarterlyMensa geeft ook bladen uit en wil graag adverteerders hebben. Soms staat er eentje in vanuit de doelgroep. Nooit heb ik een advertentie gezien van een bedrijf van buiten de doelgroep. Dat zegt wel wat.

Hoogbegaafden hebben goed onderwijs nodig voor hun eigen ontwikkeling. Ze overzien veel en kunnen makkelijk met abstractheden omgaan op jonge leeftijd. Zonder goede begeleiding gaan ze zelf zaken invullen en/of bedenken of ze komen er niet uit(uit de keuzemogelijkheden) en groeien enigszins verward op. Ik ga er van uit dat gemiddeld een hoogbegaafd kind klaar is met het BO op 8 jarige leeftijd en dat het VO in 3-4 jaar kan worden afgerond. Zoveel wordt daar niet geleerd, wel wordt veel geoefend in omgaan met abstracte zaken. Voor ons simpel dus. En ik heb van een rector magnificus begrepen dat universiteiten, ook de OU, de opdracht hebben om de massa te onderwijzen en dat er geen uitzonderingen mogelijk zijn. Daar zijn hoogbegaafden niet welkom.

Hoogbegaafden worden met bovenstaande genegeerd in het onderwijs en geprest om normaal mee te doen op straffe van uitsluiting(thuiszitters ed.).

Op de werkvloer is de manager het meest in de weer om iedereen binnen diens plek in de hiërarchie te laten functioneren. Voor een hoogbegaafde is dat een behoorlijke beperking. Er zijn weinig plekken waar je een beetje naar behoren kunt functioneren. Op Facebook is een groep actief: hoogbegaafden met een uitkering.

In de meeste organisaties worden hoogbegaafden niet gewaardeerd als zichzelf. Dat constante aanpassen heeft effecten op de gezondheid, de relatie en de opvoeding van meestal ook hoogbegaafde kinderen. Kinderen die zich ook ernstig moeten aanpassen op school met soms het effect dat ze zich af gaan vragen waarom het leven nog leuk kan zijn of worden.

Ik ben al weer 20 jaar bezig met deze emancipatie en ik zie nog niet al teveel vooruitgang. Het woord wordt vaker gezegd en met minder schroom. Er zijn initiatieven maar alle blijven ver onder de maat van wat
een gemiddelde hoogbegaafde nodig heeft. Ik kom tot de conclusie dat hoogbegaafden genegeerd worden. Er wordt niet méé gepraat, wel over en er wordt niet op hun acties of initiatieven gereageerd. En dat zal met de publiciteit van dit onderzoek niet anders zijn. Even een piek en dan gaat Nederland weer over tot de orde van de dag en daar horen hoogbegaafden niet in thuis. Wel slimmeriken en bijzondere types, zolang de 360.000 hoogbegaafden maar buiten beeld blijven.

Willem Wind.

Een open brief aan Nederland

Wat er mis is met Nederland

Een open brief aan Nederland, van Willem Wind.

Steeds vaker doemt bij mij het beeld op dat de overheid zich opstelt als zeurende ouders. Die hebben het goede voor met hun kinderen maar kunnen niets beters verzinnen dan net zolang praten totdat de kinderen zo ongeveer doen wat hen verteld wordt. Of de kinderen dat willen of er zelf beter van worden is nooit de vraag. De zeurende ouders hebben plannen met hun kinderen en daar moeten ze naartoe gepraat worden.

Om dit punt helder te maken kan ik vele voorbeelden geven. Als eerste de politie. Als die je aanhoudt zeurt die minimaal een kwartier lang over wat je wel niet verkeerd doet en hoe gevaarlijk dat is en wat de consequenties zijn. Zeggen dat je dat ook wel weet maakt het erger want dan beginnen ze gewoon weer overnieuw. Ja en amen zeggen werkt het snelst. En de boete gewoon betalen want de incasso van de overheid gebruikt alle mogelijkheden tot aan gijzeling toe om je te laten betalen.
Op zich is dit niet een probleem.

Een ander voorbeeld is het UWV. Die zeurt dat je moet solliciteren en klaar staan om te gaan werken. Die zeurt zelfs als je kanker hebt met een half jaar te leven, dat je moet gaan werken want een uitkering..blah, blah, blah.. Ze zeuren zo mensen uit de uitkering die het wel op een andere manier kunnen overleven. De uitkeringstrekkers reageren op het gezeur met meer gezeur.
Op zich is dit niet het probleem.

Het onderwijs zegt dat ze wel willen maar niet mogen om bv thuiszitters of hoogbegaafden goed onderwijs te geven. De overheid zegt dat ze het wel mogen maar niet willen. Passend onderwijs komt zo niet van de grond. En in plaats dat de overheid mee gaat denken met het onderwijs, zeurt het gewoon door dat het wel zo moet. Kamp en Dekker zijn voor mij de graadmeters van het gezeur.
Op zich is dit niet het probleem.

Ook aardbevingen probeert de overheid met zeuren te dempen. Het komt goed, we zijn goed bezig tot de volgende aardbeving er is en de overheid eindelijk afstapt van zeuren en iets doet.
Op zich is dit niet het probleem.

Het zeuren van de overheid komt ook door de goede rapporten die Nederland krijgt voor bv. het onderwijs en economie. We staan er goed voor volgens de overheid, met Rutte voorop en dat moet het volk ook accepteren. Het volk(de kinderen) kan niet alles krijgen wat het wil en dat klopt.
Op zich is dit niet het probleem.

Politici willen ook nog wel eens mensen van het volk bevragen wat die nu willen. Vooral PVV-stemmers zijn daarvoor uitverkoren. En als ik die gesprekken beluister kan ik niet aan de indruk ontkomen dat dit erg lijkt op een gesprek van een ouder met een recalcitrant kind. De ouder zeurt net zolang totdat het kind op enige manier instemt met de redenaties van de ouder. De ouder heeft plannen met het kind en dat moet gebeuren, met of zonder instemming van het kind. Die weet tenslotte niet wat goed is voor hem of haar. Als voorbeelden het straffe beleid omtrent roken, levenslang leren, overgewicht, zelf carrière plannen en uitvoeren, blijven werken, drank, uitgezonderd drugs, constant sporten, alle regels naleven, etc., etc, etc..
Op zich is dit niet het probleem.

Maar alles bij elkaar tipt nu het zeuren, iets wat de overheid altijd al gedaan heeft, net over een kritisch punt. Wij vinden een zeurende overheid best goed. Zeker als het zeurt tegen de buurman of buurvrouw. Een zeurende overheid wil het goede voor ons en dat willen wij ook. Maar het gezeur moet een haalbaar doel hebben. Het moet geven en nemen zijn en ons in onze waarde laten. Tenminste een beetje. En dat wordt steeds minder zo gevoeld. En wat doe je als volk dan tegen het gezeur? Dan ga je redeneren en reageren als een kind. Zolang de reactie verbijstering, ontzetting of ongeloof oplevert is het een goede reactie. En dan is de waarheid en zijn feiten niet ter zake doende. Als je het kunt is het prachtig om de verbijstering te zien als je een feit niet accepteert als zijnde waar. En het gaat je dan op dat moment om die verbijstering. Daar scoor je mee tegen dat gezeur.

En wat wil het volk dan wel, wat maakt dat het recalcitrante kind weer normaal functioneert? Meer zeuren, een hardere aanpak, zonder eten naar bed? Wat denkt u?

Het volk wil wat het altijd al wil. Een redelijk deel van het inkomen als vrij besteedbaar kunnen gebruiken. Je eigen kinderen en de kinderen die je kent doen het goed op school of ze krijgen een goede beroepsopleiding. De overheid helpt je mee als je klem komt te zitten. Je kinderen en die je kent krijgen het net zo goed en liever iets beter dan dat je het zelf hebt. En het volk wil graag een idealistische plek in het vooruitzicht hebben, een plek die nooit zal bestaan maar waar we wel naar op weg kunnen gaan. Zonder ooit aan te komen. Een aarde zonder vervuiling, zonder uitbuiting, met een eerlijke verdeling van al het goede van het leven. Maar die wandeling mag het eerste niet in gevaar brengen. Die idylle is mooi maar we moeten wel een beetje leuk kunnen leven!

Als ouder weet je eigenlijk wel dat je het verliest van een recalcitrant kind. Het kan lang duren of kort, het kind wint want die maakt het niet uit of diens wereld in elkaar stort of niet. Die kan wel wat dagen zonder eten en die weet dat het als het om leven en dood gaat, toch wel beschermd of gered zal worden. Het kind weet dat. En de ouder weet ook, zeker na wat proberen, dat het niet zal lukken. En de enige die hier iets aan kan doen is de ouder. Die moet toegeven en die moet milder worden. Die moet echt gaan luisteren en het kind geven wat het wil en nodig heeft. Zonder bijbedoelingen en het kind feitelijk het respect geven dat het verdient.

Voor mij is het duidelijk. De overheid, dat wat het volk ervaart en tegenkomt als overheid, moet minder zeuren en meer het volk helpen en ondersteunen. Dat geldt in alle geledingen, van uitkeringen, voedselbanken, daklozen, werkgelegenheid en werkzekerheid, gezondheidszorg met altijd in het achterhoofd de hoofdzaken die het volk in eerste instantie wil. De rest is optioneel.

Het gaat niet om de Islam, niet om de vluchtelingen, niet om de rijke elite, niet om de afstand tussen volk en regering, het gaat niet om het koningshuis of een premier die wil dat we zelfstandiger worden en daar de ruimte niet bij geeft om dat te kunnen, het gaat om de redelijke eis van elk volk: genoeg geld om van te leven en dat je kinderen het goed of beter hebben dan jezelf op die leeftijd.

Overheid, zeur niet zo en doe het goede voor het volk. Anders worden meer mensen recalcitrant en is het volk steeds meer bereidwillig om alles op de waagschaal te zetten. En dat is de schuld van de overheid, nooit van het volk.

Willem Wind.
3-1-2017

Ook beschikbaar in PDF

Open Space Onderwijs in een notendop

Open Space Onderwijs bestaat uit twee componenten. Een leerdeel waar 1/3 van de tijd aan besteed kan worden en een ontwikkeldeel voor de rest van de tijd. Van de leerlingen wordt verwacht dat ze op eenzelfde manier blijven leren zoals ze hebben leren lopen of praten, met ondersteuning, het zelf onder de knie zien te krijgen. Met lopen en praten is dit gelukt, waarom zou dit niet kunnen met andere zaken?

In de tijd van het ontwikkeldeel krijgt de leerling alle mogelijkheden om zelf de eigen talenten te vinden die hem of haar verder laten komen in het leven. Of dat in sport is, in ‘wetenschappelijk’ knutselen, in muziek maken of in het schrijven van boeken of toneelstukken, ze kunnen het allemaal kort of lang uitproberen omdat zij zelf de keuze maken en ‘het proberen’ uitvoeren. Daarnaast is het inspirerend om andere leerlingen zich te zien uitleven in hun talent.

Het leerdeel bestaat uit onderwerpen. Elk onderwerp is een gegroepeerd deel van datgene wat de overheid en dus maatschappij graag wil dat een kind leert en later kent. Voor het basisonderwijs zijn er ongeveer 14 onderwerpen en voor het voorgezet onderwijs zijn er ongeveer 35 onderwerpen te groeperen. Open Space Onderwijs gaat uit van het maximale en laat aan de leerling over hoe ver die komt per onderwerp. Het leren kan op initiatief van de leerling, in groepjes of individueel door hen uitgewerkt worden.

Elk onderwerp wordt belicht in ongeveer 10 methodes van het onder de knie krijgen. Voor leerlingen die talig zijn of juist wiskundig sterk zijn tot beelddenkers en alles wat daartussen zit. Per onderwerp komt er ook duiding waar en hoe het onderwerp gebruikt wordt in het hier en nu en ook duiding waar het onderwerp vandaan komt en hoe het geëvolueerd is tot wat het is vandaag de dag. Er wordt geen oefenmateriaal toegevoegd opdat de leerling niet de eigen motivatie verliest om het zich op de eigen manier eigen te maken. Voor elk onderwerp zijn er zelf tal van oefeningen te bedenken, te vinden op het internet of aangereikt te krijgen van medeleerlingen of ouders.

Elk onderwerp wordt afgesloten met een test. Hier wordt getraceerd hoe goed een leerling er in is geslaagd om dat onderwerp onder de knie te krijgen. De leerling krijgt een duidelijk idee op welk niveau hij of zij het onderwerp kan gebruiken in de toekomst. En daarmee kan de leerling ook bepalen in welke richting zijn ontwikkeling het beste kan zijn. Zo wordt de leerling zelfsturend in diens ontwikkel- en leertraject.

Open Space Onderwijs biedt een onderliggende structuur zodanig dat de leerling weet wat het kan doen en zich volledig kan richten op het zelf leren en ontwikkelen. Het is te vergelijken met de ondersteuning die je een kind biedt als het leert lopen en praten. De leerling wordt de ruimte gegeven om alle onderwerpen te bekijken en er aan te werken als de leerling en het onderwerp samenkomen.

De leerkracht c.q. pedagogisch begeleider helpt leerlingen op aanvraag, overziet de algemene en specifieke ontwikkeling per leerling en evolueert dit, indien nodig, met de leerling. Daarnaast is hij of zij de bewaker van de onderliggende structuur en een aanspreekpunt voor de ouders.

Voor meer informatie en contact: www.openspaceonderwijs.nl

De onaanraakbare zijde van de diamant

Voorwoord

Josefien ervaart de kern van haar hoogbegaafdheid als het meest oorspronkelijke deel van de mens. Een deel wat niet goed levensvatbaar is geweest, maar opnieuw tot leven kan komen d.m.v. een individuatieproces. In onderstaand artikel beschrijft zij d.m.v. de metafoor van de diamant, hoe dit deel van de mens opnieuw kan gaan stralen. Het artikel is vooral gebaseerd op haar eigen levenservaring, gespiegeld aan theorieën zoals in dit geval vnl. de Voice Dialogue, ontwikkeld door Sidra en Hal Stone. De Voice Dialogue is ontstaan vanuit de Jungiaanse psychologie, waarin het individuatieproces een belangrijke rol speelde.

 

DE ONAANRAAKBARE ZIJDE VAN DE DIAMANT

Ieder mens is als een diamant, die bestemd is om te schitteren. Diamanten zijn miljoenen jaren geleden ontstaan in het binnenste van de aarde, waar het wel twee duizend graden Celsius was. Diamanten zijn koolstoffen, die door de hitte en zware druk gekristalliseerd zijn. Ooit is de mens ontstaan als ware het een diamant, bedolven onder stof. Echter,  in die mens zit een prachtige kern als een diamant, klaar om ontdekt en geslepen te worden. lemnixcaatIn deze tekst ga ik de aard van de mens vergelijken met een diamant en wil ik een zeer speciale en oorspronkelijke zijde van deze diamant laten schitteren. Dit is namelijk de meest verborgen gebleven zijde, beschermd tegen gevaren van buiten en onaantastbaar gebleven.

Een diamant heeft, net als de mens, veel  verschillende kanten. Als de mens ter wereld komt, dan zullen hiervan nog veel kanten schitteren; een pasgeborene straalt nog veel licht en liefde uit. Bij veel van deze pasgeborenen zal je zelfs  iets kunnen zien of ervaren van hun oorsprong, de bron waar ze vandaan komen en wat ze vol vertrouwen de wereld in kunnen laten schitteren. Op deze onbevangen manier is er nog geen vuiltje aan de lucht. De pasgeborene verwacht vanaf deze zijde geen spiegeling vanuit de buitenwereld. Hij of zij is helemaal een met de wereld waar hij vandaan komt en is alleen maar aan het stralen. Wat hij nodig heeft, is een liefdevol en ruim welkom in deze wereld, zodat hij kan gaan leven naar zijn oorsprong en van daaruit zijn andere zijden van de diamant tevoorschijn kan laten komen en laten slijpen door andere mensen en het leven zelf.

Helaas en ervaren als een diepe oerpijn is het met het schitteren van deze oorspronkelijkheid meestal heel gauw gedaan. Al heel gauw ervaart het kind, dat het niet helemaal of zelfs helemaal niet welkom is met zijn oorspronkelijke zijde van de diamant. Uit zelfbescherming zal het deze zijde diep verbergen, vaak zelfs voor zichzelf. Aan deze zijde dooft de schittering, iets wat behoort tot de pijnlijkste ervaring in een mensenleven. Heel zijn leven zal hij bezig zijn, op zoek naar deze zijde van zijn diamant, vaak zelfs zonder te weten wat hij zoekt.

De andere zijden van de diamant hebben meer kans om te schitteren. Het zijn zijden, die makkelijker herkenbaar zijn voor anderen en zelfs door anderen weerspiegeld kunnen worden. In tegenstelling tot de oorspronkelijke zijde, zijn het kanten aan de mens, die als apart deel niet uniek zijn en dus herkenbaar voor anderen. Een speciale combinatie van deze verschillende delen van de mens geeft wel een bepaalde uniekheid en hierin is ieder mens anders. Echter, het meest anders en dus zichzelf, is de mens met zijn oorspronkelijk  deel.

Wanneer de diamant in zijn geheel tot schittering komt, betekent dit, dat deze mens zowel zijn oorspronkelijk  deel als zijn andere minder unieke delen, tevoorschijn heeft kunnen laten komen en van daaruit zichzelf het leven in kan stralen.

ONAANRAAKBAARHEID

Wat gebeurt er nu met de oorspronkelijke zijde van de diamant?

In de titel noem ik deze de ‘onaanraakbare’ zijde. Dit is namelijk wat er mee gebeurt als het niet meer kan schitteren en zich moet verbergen. Zoals een onaanraakbare uit het kastenstelsel  wordt dit deel van de mens het deel, wat behandeld zal worden als een onaanraakbare, zowel door de ander als door hemzelf. Men ziet de schittering niet meer en ervaart het als iets wat besmettelijk is en dus gemeden moet worden; of als iets wat gevaarlijk is en waar tegen hij zichzelf of de ander moet beschermen. Vaak is het zelfs zo, dat men het bestaan ervan vergeet en dan wordt dit deel dus helemaal genegeerd. Ergens in het diepst van zichzelf ervaart deze onaanraakbare mens zichzelf als iemand, die niet welkom is in deze wereld, omdat hij een bedreiging vormt voor de mensheid. Het gevolg is, dat hij zijn natuur om te willen schitteren ervaart als iets wat levensgevaarlijk is en grote angst oproept, als er ook maar iets van naar buiten sijpelt.

Ook de buitenwereld werkt mee aan dit gevoel van angst, door te resoneren op het gevoel van een bedreiging zijn, wat naar buiten komt bij een poging tot te kunnen schitteren. Omdat veel anderen deze oorspronkelijkheid verborgen hebben, kunnen zij bijna niet anders dan terug spiegelen wat naar buiten komt;  dus d.w.z. terug spiegelen van het gevoel van angst, bedreiging en pijn. Pesten b.v. is hier een typische uitingsvorm van.

OPLOSSING

Hoe lossen we dit nu op als zo ongeveer iedereen meedraait in deze patronen van wisselwerking?

De weerspiegeling die deze onaanraakbare zijde nodig heeft zit niet van buiten maar van binnen. Als er van buiten een weerspiegeling is, dan resoneert deze nog niet op deze oorspronkelijke zijde, ook niet als het een weerspiegeling van liefde is, zoals verliefdheid.

Wat je kan doen, dat is dat wat van buiten van de ander komt verder laten resoneren en meenemen tot in jouw oorspronkelijke kern. Het is vaak een pijnlijk proces, maar het brengt je wel tot aan je oorspronkelijkheid. Als je daar eenmaal bent, dan kan je weer naar buiten gaan stralen en doe je dit vanuit je oorspronkelijke zijn.

Nu ben je er nog niet; er zijn nog veel beren op de weg. Bij het naar buiten stralen, begin je anderen te raken in hun oorspronkelijkheid en vanuit de nog onaanraakbare zijde van de diamant van die ander, is de kans groot, dat deze jouw schittering, net zoals in het begin van je leven gebeurde, tegen probeert te houden of zelfs kapot wil maken.

Het laatste waar je nog door heen moet (en houd vol, want het is de moeite waard), is deze pijnlijke weerspiegeling van de geschiedenis van de pijn van de ander. Weet dat het niet om jouw oorspronkelijke zijde gaat, maar om die van de ander. Als het je lukt, luister hier onbevangen naar en je zal ervaren, dat het op deze manier jouw eigen schittering, uiteindelijk nog beter naar buiten zal doen brengen.

Josefien Harmsen

7 pijlers van het onderwijs die vernieuwing tegengaan

Het onderwijs vernieuwen blijkt niet makkelijk te gaan. Ik ken veel vernieuwers, ik heb veel initiatieven gevolgd en veel zien mislukken. Het onderwijs is solide in haar pijlers van bestaan. Een rubberen skelet dat geen verandering toelaat dan cosmetische veranderingen. Ik heb wel eens voor een kind een voorstel gedaan en na bestudering door de directeur werden snel de drie belangrijkste onderdelen geschrapt als ontoelaatbaar. Dat kon niet. De rest wilde hij graag doen. Dat heeft niet geholpen omdat de pijlers onder het voorstel weggehaald waren, de rest had daardoor geen fundament meer.

Omdat ik nog steeds begaan ben met onderwijs en graag mijn steentje bij wil dragen aan verbeteringen, heb ik de pijlers van het huidige onderwijs zo verwoord:

  • Een leerling weet pas iets als de leerkracht hem of haar dit verteld en uitgelegd heeft.
  • De leermethode is heilig en daar mag niet van afgeweken worden.
  • De houding in de klas is belangrijker als de leerprestatie.
  • De leeftijd van de leerling bepaalt in zeer sterke mate zijn of haar leerniveau.
  • Creativiteit en eigen initiatief worden gelimiteerd tot wat de leerkracht passend vindt in het kader van de methode.
  • De weg omhoog in het onderwijs bevat veel meer drempels dan de weg naar beneden.
  • Zonder leerkracht is er geen mogelijkheid om een diploma te behalen.
Hieraan wordt in het onderwijs niet getornd, dit is de basis van het onderwijs. Een enkele uitzondering daargelaten.
Wil het onderwijs vernieuwen dan moeten deze pijlers worden vernieuwd, veranderd. Een fundamentele discussie over wat onderwijs nu feitelijk is, waar het voor dienen moet, moet nu gevoerd worden. Zonder iets als onmisbaar vast te zetten, zonder voorwaarden vooraf.
Of er komt ruimte voor nieuwe initiatieven. Initiatieven als Open Space Onderwijs die niet uitgaan van deze pijlers. Initiatieven die laten zien dat het ook anders kan.
Wil je reageren dan kan dat hier of op de facebook-pagina van Open Space Onderwijs.
Ik hoor graag van je, met vriendelijke groet, Willem Wind.

mijn vele-vliegen-in-één-klap-relanceplan

Nederland, de EU, de wereld hebben veel te winnen met een heffing op luchtverontreiniging door internationaal transport; als iemand weet hoe ik dit best in de openbaarheid krijg …

luchtvervuilingBeste lezers dezes

In oktober ben ik beginnen nadenken en opzoeken over een mogelijke oplossing voor de budgettaire problemen van België, en vervolgens Nederland en ook de rest van de EU, maar ook o.a. de hoge werkloosheid en de klimaatverandering. Ik ben beginnen mailen naar ondertussen misschien honderden politici, vakbondslui; organisaties, think tanks, professoren, kranten, TV-programma’s, … Maar vaak niet gelezen, nauwelijks antwoorden, … Huilen met de pet op, want al die geadresseerden beweren in het openbaar al de aangehaalde problemen erg te vinden, maar eens wat dieper nadenken over een totaaloplossing, dan bekruipt mij het vermoeden dat ze te dom; laf, hypocriet, onverschillig, egoïstisch zijn, of zelfs jaloers omdat mijn voorstellen zoveel beter zijn.

Okay, ik weet wel dat dat bitter en zelfs wat arrogant klinkt, maar hoe zou jij je voelen als je zo hard je best doet en iedereen je negeert terwijl je denkt dat je echt het verschil kunt maken? Ondanks dat de moed mij regelmatig in de schoenen zonk, hield ik vol, omdat er zoveel mensenlevens op het spel staan, en de stabiliteit van de economie en misschien zelfs de EU, … Omdat de tijd dringt, hoop ik o.a. hier een groot publiek te bereiken.

——————————————————————————————————

“Luchtvervuiling door verkeer veroorzaakt economische schade ter waarde van zo’n 4 miljard euro, volgens onderzoeksbureau CE Delft. Voor Europa is de inschatting maar liefst 150 miljard euro; zaplog.nl/man_made_luchtvervuiling_uitlaatgassen_wederom_giftiger_dan_gedacht (link is external)”

Het eigenaardige is dat een satellietkaart van weliswaar 2004 maar evengoed geldig wegens waarschijnlijk evenveel of zelfs meer verkeer jaar in jaar uit, aantoont dat het aandeel van de luchtverontreiniging in de Benelux t.o.v. heel Europa veel groter is. http://www.kennislink.nl/publicaties/satelliet-brengt-luchtvervuiling-in-kaart (link is external)

Ik denk dan ook dat het mogelijk is een manier te vinden – ik denk dat ik ze heb – om internationaal transport voldoende te belasten – 180 miljard, rond de 1,3 % van het totale BNP van 14 000 miljard – om de inflatie met ongeveer 1 % te laten stijgen. Zodat het risicovolle QE – googlen maar – niet meer nodig kan zijn, …

180 miljard (bruto) op een gezamenlijk BNP van rond de 14 000 miljard = nog geen 1,3 % en zou waarschijnlijk voor genoeg inflatie zorgen om het riskante en onvoorspelbare QE voortijdig te kunnen stoppen. België, Nederland en Duitsland – waarvan de meeste politici zo gekant zijn tegen het opkoopprogramma van de ECB – zouden, mits een ingenieus masterplan – hetgeen ik denk te hebben, maar het vergt wel de politieke wil en mogelijk veel druk op de beleidsvoerders van o.a. de vakbonden – de rest van de EU kunnen proberen te overtuigen van een gezamenlijke belastingverhoging om de regeringen in staat te stellen te investeren i.p.v. te blijven besparen en economische groei te realiseren door de eigen bevolking, lagere overheden en de bedrijven te bedelen met meer subsidies, hogere uitkeringen en lonen via overheidsaanwervingen i.p.v. agressief de publieke sector op streng dieet te zetten en talloze werknemers te ontslaan om zoveel mogelijk loonlasten te kunnen verlagen om banen te creëren ten koste van de “bevriende” landen door een race-to-the-bottom-tunnelvisie.

Ik geloof dat Nederland recht heeft op 13,5 miljard hiervan, en dat dat zou kunnen leiden tot:

(5 miljoen in de EU) 300 000 duurzame banen, binnen het jaar, zonder verdringing, vooral niet-commerciële sectoren, eventueel halftijds, ideaal voor kwetsbare groepen (ouderen, gehandicapten, zieken, langdurig inactief, zonder werkervaring, allochtonen, laaggeschoolden, gepensioneerden en zelfstandigen die niet rondkomen, mantelzorgers); 2 tot 4 miljard
een einde kunnen maken aan “belastingparadijs Nederland” en daarna of tegelijk liefst ook elders de druk kunnen verhogen, zoals het UK, Ierland, België, …; idem
meer kunnen investeren in de strijd tegen klimaatverandering, in “groen verkeer”, duurzame stroom, het verminderen van luchtpollutie, … idem
daardoor (op termijn) minder moeten uitgeven aan gezondheidszorg
de besparingen in o.a. bejaardenzorg (groten)deels terugdraaien
minstens honderden mensenlevens redden per jaar (minder zelfmoord wegens werkloosheid en armoede).
Vergeet niet dat die som uitgeven onmiddellijk zorgt voor terugverdieninkomsten, en zelfs als het maar 10 % zou zijn, is het geld om mee te werken een miljard of 15.

ik zoek iemand die bereid is de knuppel in het hoenderhok te gooien, alles op alles te zetten om mijn vele-vliegen-in-één-klap-relanceplan in de media te brengen en uiteindelijk door de politici in B en NL te laten evalueren. Natuurlijk pas na het uitwisselen van een aantal mails, en als ik hem, haar of hen overtuigd heb dat betere grootschalige oplossingen – zoals de rijken tientallen miljarden extra laten ophoesten – geen kans lopen om gerealiseerd te worden. Opperkantelaar Jan Rotmans, de leiders van Tax Justice NL, Correspondent Rutger Bregman, misschien iemand van Ons Geld, … Jonathan Holslag heb ik ook gecontacteerd, maar ik denk dat hij het te druk heeft, want het bleef (voorlopig) bij één mail. Een programma als Tegenlicht of Zembla kan ook het gewenste effect hebben, maar ook van deze (nog) geen repliek. De leiding van Greenpeace zou natuurlijk ook om raad gevraagd kunnen worden. Als iemand nog suggesties heeft, iemand kent, … bijvoorbeeld bij de kranten. Ik ben uiteraard heel kieskeurig, vertrouw niet zomaar om het even wie, want dit is geen klusje voor een amateur. Om op al mijn golflengtes te kunnen zitten, moet je om te beginnen over een flinke snel roterende schotelantenne beschikken … Klinkt misschien als opschepperig, maar is eerder een waarschuwing. Tja, waarom niet …

“Mensen met ADD zijn:

vaak analytisch, ze leggen verbanden waar niet iedereen zomaar op komt
onderzoekers die graag nieuwe paden verkennen
echte denkers
ook meestal sociaal bewogen
invoelend. Ze hebben een groot inlevingsvermogen (vaak pas achteraf, nadat ze de situatie hebben overdacht)
creatief, intuïtief en veelzijdig en hebben een brede belangstelling. Dit hebben ze ontwikkeld vanuit hun behoefte aan afwisseling.”
Het zijn meestal doorzetters als gevolg van aangeleerde compensatie.Zij kunnen zich gepassioneerd ergens op storten als iets hun interesse heeft en maken dat meestal ook af.
http://www.psyq.nl/Programma/ADHD-bij-volwassenen/hoe-herken-ik-ADHD/ADD… (link is external)

Als tegengewicht voor deze positieve eigenschappen: http://www.addonline.nl/add/tips.html (link is external) Buitenbeentjes worden per definitie niet begrepen door de meesten, en daarom ben ik een eenzaat. Wel heel veel tijd om te piekeren en na te denken, dus als ik het niet had, was ik niet zo sterk gemotiveerd en misschien zelfs niet in staat om mijn calvarietocht te ondernemen. Nu, ik wist op voorhand gelukkig niet dat het zo lang zou aanslepen …

Alhoewel het niet de bedoeling was en is om het over deze problematiek te hebben, het is natuurlijk gewoon ontzettend belangrijk om te weten waarom een individu een geniale kant heeft of kan hebben en tegelijk veel gebreken. Eén uitstekend voorbeeld van de tientallen Bekende Wereldburgers die al dan niet bewezen een aandoening hebben of hadden die hun doen en laten in grote mate bepa(a)l(d)en: http://www.adders.org/drbilly15.htm (link is external)

Wel, zelfs als ik geen gouden tip krijg, dan heb ik misschien wel enkelen van jullie laten kennismaken met een vaak verborgen problematiek, en in het geval dat het zeer herkenbaar is, … Hoe vroeger je het beseft van jezelf, hoe beter.

Dirk

SLIMME MENSEN ZIJN ALTIJD VEEL MEER WAARD DAN DOMME MENSEN!

SLIMME MENSEN ZIJN ALTIJD VEEL MEER WAARD DAN DOMME MENSEN!

Doet dit bij jou ook zo veel pijn om te lezen? Kan je jezelf helemaal in deze titel vinden? Dit is helemaal hoe dat ik mij voel!
Je komt op 1 september op school aan… Je gaat je klas binnen en je voelt direct een rare spanning… Er is een groepje die praat over dingen waar je helemaal niks van begrijpt. Je gaat erbij staan, je probeert mee te volgen en zo nieuwe vrienden te maken… Na even is het duidelijk dat dit niet lukt. Je voelt je klein en dom… Je gaat daar weg en gaat bij andere mensen staan.
Het is al snel duidelijk dat je gewoon bij het verkeerde groepje was belandt. De mensen waar je nu bij staat zeggen je wie dat die anderen zijn. Het zijn de hoogbegaafde mensen waar je bij stond… De klasgenoten waar je nu bij staat vertellen je alles, ze zeggen dat de hoogbegaafde leerlingen een eigen groepje zijn, dat ze speciale behandelingen krijgen en zich zelfs belangrijker voelen dan de anderen. In het begin geloof je dit niet, je denkt dat ze allemaal overdrijven.
Na een paar dagen wordt het duidelijk… Ze overdreven niet. Integendeel! Hoe dat zij het zeiden was nog maar zacht uitgedrukt! Je kon nog niet eens normaal tegen die mensen praten of ze kijken je al aan alsof je maar onzin zegt. Je voelt je benadeeld, klein en dom. Al snel is het duidelijk dat de klas in twee groepen wordt gedeeld: de groep met de hoogbegaafde leerlingen en de andere groep… Zo een beetje de rest en de domme helft van de klas… Zo snel gebeurde het. De hoogbegaafde leerlingen voelen zich goed omdat ze nu speciale lessen en leerstof krijgen en zich niet meer vervelen. En de anderen voelen zich simpelweg DOM.
Zo wil je toch niet leven? Elke mens heeft een droom. Je wilt iets bereiken met je leven, je wilt een goede baan hebben of ergens herkend kunnen worden. Maar als je met dergelijke mensen in de klas zit is het bijna onmogelijk om in je dromen te geloven… Als je denkt over de baan die je graag hebt ben je direct bang dat je moet concurreren met een hoogbegaafde mens en daar heb je natuurlijk niks tegen te zeggen. Zo ook als je herkend wilt worden. Het maakt niet uit hoe. Sommigen willen misschien een bekende journalist worden, anderen zanger, en zo zijn er nog zoveel opties. Maar als je dan omgeven wordt door hoogbegaafde mensen valt het snel op dat je er geen kans tegen maakt… Slimme mensen zijn altijd veel meer waard dan domme mensen.
Mijn standpunt is dat je het recht niet hebt om je als hoogbegaafde persoon meer te voelen dan de rest. Ze voelen zich zo al dom genoeg, je moet het er niet extra bij gaan inwrijven.

Anoniem

Geschreven voor de schrijfwedstrijd 2014 van deze website. Anoniem is één van de winnaars! Hier is het juryrapport:

Via een knappe perspectiefwisseling neemt de auteur de lezer mee in de positie van de leerlingen die niet hoogbegaafd zijn en zich ondergesneeuwd voelen door de suprematie van de hoogbegaafde leerlingen. Het betoog geeft de ervaring van binnenuit weer en maakt het invoelbar dankzij de jijvorm. De conclusie is tevens een oproep vanuit de positie van de underdog aan de hoogbegaafde medeleerlingen die hoog aangeslagen maar niet als hoogstaand ervaren worden door de auteur.
Het betoog verwijst terug naar de titel, zonder deze te herhalen…..een misser, het is gebruikelijk de titel als titel te beschouwen en er niet naar te verwijzen alsof deze de eerste zin van het betoog is. Overigens had de eerste alinea geschrapt kunnen worden, de jij-vorm is krachtig genoeg om het hele betoog te dragen. De titel zegt de rest.

Jason en zijn hotdogkraam, een essay.

Jason en zijn hotdogkraam

“Only 2 things are infinite: the universe, and human stupidity, and I’m not quite sure about the first one.”
-A. Einstein

Einstein had gelijk. Het universum is oneindig, de menselijke domheid ook. Het jaar is 2143, en er is veel veranderd in de laatste 129 jaar…
Sinds 2015 kreeg hoogbegaafdheid steeds meer en meer aandacht, en tegen 2030 waren er overal speciale scholen, enkel voor deze selecte groep “slimmere” mensen. Dit systeem werkte goed, maar tegenwoordig is het voor “gewone” mensen al bijna onmogelijk om nog een fatsoenlijke baan te vinden. De wetenschap staat verder en groeit sneller dan ooit, maar dat kan ook gezegd worden van de kloof tussen arm en rijk, waar grappig genoeg nog steeds geen oplossing voor is gevonden. Ja, deze wereld is ideaal voor hoogbegaafden, maar ze is ook een bijna onmogelijke uitdaging voor die andere 80% van de wereldbevolking.
Jason was een “gewone” jongeman op een “gewone” school, en er stond hem dus een toekomst als rekkenvuller, bediende of conciërge te wachten. Heel erg vond hij dit niet, want dat was gewoon hoe het leven in elkaar zat. Op het einde van weer een saaie schooldag, op weg naar zijn huis in een van de toch wel betere wijken van de stad (iets waar hij aardig trots op was), besloot hij een omweg langs de markt te maken, waar hij iets zou kunnen eten. Aangekomen op de marktplaats besloot hij voor een hotdog te gaan, maar nog voor hij bij de kraam aankwam, bleef hij als versteend staan. Daar, aan ZIJN vaste hotdogkraam, stond het mooiste meisje dat hij ooit had gezien. Hij raapte al zijn moed bijeen, en sprak haar aan. Het meisje keek hem minachtend aan, en al Jason’s moed verdween meteen weer. “euhm… ik.. uhm.. jij… wil je?..” stotterde hij, toen werd hij helemaal rood. ”Weet jij misschien hoe ik terug bij het station kan komen?” vroeg het meisje uit de hoogte, “ik ben verdwaald…” voegde ze er met neergeslagen blik aan toe. Jason besloot haar de weg te wijzen, zodat hij haar onderweg beter kon leren kennen. Het was eigenlijk best wel leuk en interessant om met haar te praten. Haar naam was Emma. Ze vertelde dat ze een van de “slimmere” mensen was, en bijgevolg nog nooit in dit deel van de stad was gekomen. Jason luisterde met grote ogen naar haar verhalen, over de hi-tech spullen die ze thuis en op school had, waarvan hij niet eens wist dat ze bestonden. Zijn verbazing werd zelfs nog groter, toen ze in het station de VIP kamer binnen mocht. Ze had een speciaal pasje om de deur te openen, en het beste was dat hij mee naar binnen mocht om een kijkje te nemen! Binnen stond een rare soort capsule, en nadat Emma Jason een afscheidskus had gegeven, stapte ze erin en verdween voor zijn ogen!
Ze zouden elkaar nooit meer zien. Emma zou een succesvolle baan als bedrijfsleidster krijgen en rijk en gelukkig worden. Jason zou de hotdogkraam overnemen en zeer geliefd zijn in zijn buurt, maar zou ook arm en jong sterven.
Zo zie je maar: je zou de wereld ideaal voor hoogbegaafden kunnen maken, maar ze zou niet ideaal zijn voor iedereen.

Anoniem

Geschreven voor de schrijfwedstrijd 2014 van deze website. Seppe is één van de winnaars! Hier is het juryrapport:

Een originele insteek door te schrijven alsof er een sprong in de tijd gemaakt is. Het scenario van hoe het zou kunnen zijn als hoogbegaafden alle kansen krijgen die er te bedenken zijn. Een ogenschijnlijk ideale wereld die verre van ideaal blijkt te zijn. Met een eenvoudige slotzin wordt de conclusie die de lezer al lezende kon trekken expliciet verwoord, wat voor een essay een goed einde is.
Deze auteur is veelbelovend in schrijfstijl en wijze van in staat zijn een impliciete boodschap door te laten klinken.

Angst en hoogbegaafdheid; Wilma van Galen

-Alexander Khokhlov-

Angst is een gevoel dat ieder mens in zich mee draagt. Angst voor jezelf, de ander en de natuur is in hoofdzaak de basis voor angst in de mens.
Angst is allereerst een gevoelsreflex dat ons waarschuwt voor gevaar. Wanneer er ons iets bedreigt,komt ons overlevingsinstinct in beeld; we vechten, verstijven of vluchten. Wanneer dat niet mogelijk is, ontstaat stress. In vroegere tijden was het simpel maar door een veranderde maatschappij zijn we regelmatig niet meer in staat om adequaat op angst te reageren.

-Vluchten kan niet meer-

De angst voor de buitenwereld met zijn (ongeschreven) regels en gezag waar je maar voor een klein deel je invloed op uit kunt oefenen, angst voor je eigen vergankelijkheid, voor afwijzing en eenzaamheid, de angst die op kan spelen bij steeds weer opnieuw keuzes te moeten maken en het gebrek aan leren omgaan met angst, maakt van angst een complex iets.
Ondanks we het allemaal in meer of minder mate met ons meedragen is het vaak niet zichtbaar. Of beter gezegd, ‘het lijkt niet zichtbaar’ want het wordt goed verpakt. Genoeg afweermechanismes om angst uit de weg te gaan.


We bedekken de emotie angst met allerlei gedachtes waaraan zich allerlei gevoelens gaan hechten. Gevoelens die van invloed zijn op ons gedrag.
Volg het nieuws, kijk om je heen, kijk in de spiegel en zie hoe angst regeert. Waar geen liefde is, is angst.
Wanneer je vast loopt dan is er genoeg te verzinnen om met je gedrag, gedachten en gevoelens aan de slag te gaan. Van cognitieve (zelf) therapie tot haptonomie en alles wat daar tussen en naast ligt.

Beest

Er huist een beest in mij
dat onverwacht
mijn vreugde in de diepte sleurt.
Als een krokodil zijn prooi
wentelt en wentelt
de adem beneemt.
Er klinkt de geur van bitterheid.
Ik dood het niet,
het beest.
Het is mijn draak
die slapend waakt
over mijn schatten.
Soms heeft het een kwade droom.
Met bloedende handen
aai ik dan zijn schubben.

-Jacob Jan Voerman-

Maar dan toch…… -zoals in het gedicht verwoord wordt-; als er iets onder ligt dan zal dat steeds weer ervoor gaan zorgen dat er een ander probleem de kop op steekt. Achter ‘schaamte, spijt, trots, verveling, blijven steken in een relatie die niet voedt, geen intieme (vriendschaps)relatie op kunnen bouwen, perfectionisme, faalangst, uitstellen, verslavingen, geen idee hebben wat je wilt met je leven, jezelf in praktische zin niet goed verzorgen, onderpresteren et cetera’, ligt vaak ten diepste angst.

‘Alleen iemand die pijn heeft, haalt uit naar anderen.’-
Paul Ferrini

Natuurlijk kan je je kop nog dieper in het zand steken en helemaal geen angst of enig probleem ervaren en intussen (ook) regelmatig uithalen naar een ander.
Achter ‘de ander negeren, beledigen, belachelijk maken of fysiek pijn doen omdat zijn/haar mening, geloof, huidskleur, geslacht, seksuele identiteit of wat dan ook je niet aanstaat; projecteren en invullen zonder vragen te stellen, jaloezie en bezitsdrang, de ander niets gunnen, leugens en dubbele agenda’s et cetera’, ligt vaak ten diepste angst.

‘We zien dingen niet zoals ze zijn.
We zien dingen zoals wij zijn.’
-Anais Nin

Het lijkt mij niet meer dan logisch dat verhoudingsgewijs veel hoogbegaafden te kampen hebben met diep gewortelde angst. Het wezenlijke anders kan vanaf je eerste adem teug, al een rol gaan spelen en je vervormen. Van een zwakbegaafd kind / mens weten we dat hij/zij zich op alle (!!!) gebieden anders ontwikkelt maar dat dit evengoed voor hoogbegaafden geldt, wordt nog slecht gezien.


-Igor Morski-

Je ontwikkelt en bent anders terwijl intussen wel de meetlat naast je wordt gehouden. Je doorziet mensen en doorziet eveneens de (ongeschreven) regels en het gezag (gezin en school). Je moet je telkens inhouden en aanpassen én leert weinig door het gebrek aan aansluiting en spiegels. Er komt weinig ontwikkeling tot stand vanuit wie je wezenlijk bent maar veel eerder een ontwikkeling gebaseerd op een schaduw van jezelf.
Samenvattend noem ik het een gebrek aan (h)erkenning waardoor juist een hoogbegaafde nog meer kans loopt op het ontwikkelen van een diepe angst. Wat daarin niet echt meewerkt is het sterke intellect wat je kan inzetten om je angst te verbergen; voor zowel je omgeving als voor jezelf.

Zonde want verstoppen zorgt niet voor geluk en het is in feite ook een verspilling. Wat zou je kunnen doen, ‘voor en in de wereld’, wanneer je zonder inhouden, hoogbegaafd durft te zijn?

-Read All About It-

-Pascale Turrek-

Soms heeft dat vervormen, nare gevolgen….. Ik hoor regelmatig dat binnen families waarbinnen iemand hoogbegaafd is er evengoed iemand een psychiatrische stoornis heeft. Door de niet passende meetlat worden er diagnoses gesteld waarbij ik regelmatig mijn vraagtekens plaats. Niet alleen of ze kloppen maar ook vraag ik mij af wat de oorzaak is van’. Zou de vervorming op jonge leeftijd, het gebrek aan (h)erkenning, het hoge bewustzijn waardoor er nog wel eens een lijntje is met dat wat niet zichtbaar is en zowel het goede als het kwade in zich meedraagt én de vaak slecht passende begeleiding vanuit thuis, school en gezondheidszorg er niet juist voor zorgen dat juist hoogbegaafden makkelijker verdwalen in hun geest?

Natuurlijk kan je waar je tegenaan loopt aanpakken met allerlei technieken. Als coach en ervaringsdeskundige kan ik je begeleiden in het stellen en behalen van je doelen. Maar wil je werkelijk bevrijd worden van je angst dan zal je dat wat onder alles ligt toch onder ogen moeten gaan zien, het werkelijk gaan doorleven zodat je ook kunt gaan zien hoe de tentakels van angst een spoor door je gevoelens, gedachten, gedrag en leven hebben getrokken en (deels) nog steeds trekken. Niet de makkelijkste weg en in de regel sla je ‘m pas in, als je werkelijk niet anders kan. Het lijden erkennen leidt tot inzicht en groei; tot het beter gaan leiden van je eigen leven en tot het ervaren van mededogen en compassie. Als coach én ervaringsdeskundige kan ik ook daarin een stuk met je oplopen.

‘De liefde laat geen ruimte voor angst; volmaakte liefde sluit angst uit, want angst veronderstelt straf. In iemand die angst kent, is de liefde geen werkelijkheid geworden.
-1 Johannes 4:18-

Wat geen mens en dus ook ik niet, je kan geven is ‘volmaakte liefde’. Ik geloof dat alleen God daar toe in staat is.
Wanneer je je overgeeft aan God kan je ‘ik’ plaats maken voor God die je kan bekrachtigen door zijn onvoorwaardelijke liefde. -Al denk ik niet dat je ooit geheel vrij van angst zult zijn. Angst is tenslotte ook een waarschuwingssignaal.-
Maar wel dat de weg, makkelijker te bewandelen wordt en daardoor (ogenschijnlijk) minder lang.

Wilma van Galen

Een gelovige hoogbegaafde: God in Alles

GOD IN ALLES

Heer die mij ziet zoals ik ben. Hoe ik God zie….
Een hb-er die haar geloof nooit heeft verlaten.

Auteur: Marlies Wind-Verhoeven (ook in PDF te downloaden)

Aanleiding
Vanaf mijn jeugd was ik al bezig met God. Het geloof in Hem boeide mij. Altijd en overal wilde en kon ik daarover praten. Niet ongevraagd natuurlijk. Ik was in de christelijke traditie opgevoed door mijn ouders en die traditie sprak me erg aan, maar de inhoud die men eraan gaf om me heen kon ik niet klakkeloos aannemen, zoals wel vaker. Overal vraagtekens achter zetten, want wat men zei was voor mij zo star, zo weinig met elkaar in verband, waardoor ik er niet veel mee kon. Toch heeft het mij veel, nee alles gebracht. Ik kwam daardoor in contact met God en hoorde veel over Hem en kon daardoor er veel zelf over nadenken, erover praten met anderen en zo mijn eigen beeld maken. Mijn eigen geloof, de uitkomst van mijn zoektocht. Het geloof dat mij perspectief gaf voor het nu, maar zeker ook voor de toekomst als ik zou sterven, voor eeuwig bij Hem zou zijn, en dan te leven zonder de onvolkomenheid van dit leven: wat zou ik anders wensen? Maar ik wist ook dat het leven mij zou leren hoe ik de kennis van goed en kwaad mocht interpreteren. Ik had het kwade nodig om te zien wat het goede mij opleverde. Het verschil maakte dat ik het niet alleen zag, maar ook voelde wat de inhoud was, en nog steeds is van deze beide begrippen. Ieder heeft zijn/haar persoonlijk geloof opgebouwd uit stukjes die je elke keer in je leven inpast in het grotere geheel. Ik denk dat ik nooit uitgedacht raak, maar de kern die ik in hier in dit visiestuk verwoord zal de rode draad blijven waar ik dingen aan toets voor ik ze inpas in mijn geloofsbeeld.
Het geloof boeide mij dus, maar de vragen bleven over hetgeen ik om me heen hoorde waar Hij allemaal voor zorgde of zou moeten zorgen volgens anderen. Rechtvaardig: maar hoe dan met al het onrecht om me heen, alle oorlogen, honger om zo wat te noemen? Liefdevol: maar hoe dan als er iemand waar je van houdt doodgaat, een kind dood wordt geboren of om nog wat te noemen als je geen kinderen kan krijgen? Nadat een goede vriendin van mij op sterven lag en zij worstelde met de vraag naar Gods’ weg in deze omstandigheden wetend dat Hij haar vast hield door alles heen maar de waaroms bleven voor haar, toen kwam bij mij deze gedachte op en ik schreef haar dat ook: ik vraag me dat niet meer af. God heeft alles geschapen. Hij is in Alles daar ben ik van overtuigd, maar Hij heeft ons ook een keuze gegeven, een eigen verantwoordelijkheid, en daarin en daarmee leven we in het hier en nu. Zijn Almacht zit in Alles maar wij leven in de vergankelijkheid en het onvolmaakte tot we eeuwig bij Hem verder mogen leven.
Later kwamen haar man en ik hier op terug en hij zei nadat ik het een en ander mocht uitleggen, schrijf dit eens op. We hadden namelijk al jaren gepraat over het geloof, over hoe zij dat zagen en hoe ik dat zag, maar nu snapte hij pas wat ik bedoelde, terwijl ik het zo simpel vond. En dat komt omdat al die gedachtes uit mijn verleden samenkwamen, maar als je die niet uitspelt voor een ander is het lastig voor diegene om dat dan te verstaan. Geen haar op mijn hoofd die er aan dacht om te gaan schrijven want wie zit nu hier op te wachten? Tot ik me bedacht als ik dood ben zou ik het fijn vinden dit achter te laten, omdat ik het dan niet meer zelf kan vertellen. Plus op deze manier bereik ik wellicht nog meer mensen dan me dat lukt in een gesprek. En zo komt het dat ik hier zit te schrijven.

Het begin
Het begin van mijn zoektocht naar God lag zoals net gezegd voornamelijk in mijn jeugd. Te pas en te onpas had ik vragen en ik wilde weten hoe het zat. Er klopte namelijk iets niet bij hetgeen ik hoorde, zag en waar ik een beeld bij had. Dat beeld was sowieso groter dan anderen zeiden, maar moest zeker passen bij hetgeen ik voelde en ervoer. Geen God die als Sinterklaas dingen uitdeelde. Geen God die in actie komt als wij dat willen. Geen God die zei ‘jij mag wel geloven en jij niet’. Er moest een groter plan zijn. Mijn dieptepunt, maar aan de andere kant ook mijn omkeerpunt waardoor ik verder kon, was toen ik twaalf jaar oud was. Ik had een nachtmerrie gehad waarin Petrus mij wegstuurde bij de hemelpoort. Waarom? Ik had iets niet goed gedaan blijkbaar; mijn zonden waren me niet vergeven hoe klein of groot die ook waren. Maar Jezus was toch voor mijn zonden gestorven, van daaruit was ik toch vrij? Ook hoorde ik vaak om me heen dat ik dagelijks moest bidden voor mijn bekering en vergeving van zonden. Iemand ging zelfs zo ver dat hij zei dat als hij niet voor zijn zonden gebeden had en hij zou sterven, dat hij dan niet bij God mocht zijn na zijn dood. Ik vroeg toen al: ‘het kan toch niet waar zijn dat God zo redeneert?’ Ik wil niet zeggen dat ik weet wat Hij denkt. Wel kan ik zoveel als me dat lukt proberen te zien wat Hij bedoelt door wat Hij heeft laten zien in de Bijbel, wat anderen daarover te zeggen hebben en ervaren, en daar voor mezelf een passend beeld bij te maken. Als ik de vrijheid die Jezus me had gegeven niet accepteerde dan was dat toch een klap in het gezicht van God om dat te ‘ontkennen’ en telkens daaraan te twijfelen als ik iets verkeerds deed?
En zo accepteerde ik dus niet dat ik werd weggestuurd en bleef zoeken naar een passend antwoord. Op de middelbare school heb ik veel gesproken met anderen en toen ik Willem, mijn man, tegenkwam hebben we uren en uren zitten praten over met name het geloof en hoe dat te zien.
Pas toen vielen er vele puzzelstukjes voor mij in elkaar. Later in oktober 1995 bleek dat ik de Mensatest had gehaald en hoogbegaafd was: toen viel er nog meer op zijn plek. En na mijn herijkingsproces waarin ik het verleden terug beleefde maar nu met de blik van het weten dat ik hoogbegaafd ben en daardoor anders kijk en voel, kortom anders ben, werd het allemaal nog duidelijker. Pas vorig jaar viel dus alles op zijn plek in die ene gedachte: God is in Alles. En de onvolmaaktheid van deze wereld waarin we leven. En onze eigen keuze en verantwoordelijkheid. In alles wat op me afkomt heb ik geen keus, het overkomt me, want ik heb te dealen met hetgeen op mijn pad komt en ik bepaal hoe ik dat wil oppakken of niet.

Waar nu te beginnen met uitschrijven van de vele details. Ik denk dat ik maar eens begin met mijn jeugd en hoe ik opgegroeid ben. Alles in het kader van het geloof hoe ik dat zie en ervaar.

Mijn jeugd
Ik ben op 2 april 1959 geboren in Dordrecht. Ik was het enige meisje in ons gezin; twee broers boven mij en eentje onder mij. Mijn ouders waren Christelijk Gereformeerd. Ze waren niet zo streng dat we niks mochten op zondag, maar we gingen wel twee keer per zondag naar de kerk, en gaven geen geld uit om wat zaken te noemen. Toen ik zes was verhuisden mijn ouders naar Groningen. In de Christelijke Gereformeerde Kerk aldaar werd ik naast ons gezin gevormd in mijn geloof. Hele discussies thuis maar zeker op school en op de jeugdvereniging van de kerk. Ik geloofde als kind al vrij snel en op een kinderlijke manier, naïef werd het zelfs genoemd, maar toen al wilde ik terug naar de essentie. Als ik dood ging dan zou ik bij Hem mogen zijn. Geen discussie, geen twijfel tot ik hoorde van de scheiding van de bokjes en de geitjes bij het laatste oordeel. Hoe kon het dan dat God had gezegd dat ik, vanaf het moment dat ik erkende dat Hij Zijn Zoon gegeven had om alle zonden weg te nemen, vrij zou zijn en ongehinderd mijn gang mocht gaan? Ik luisterde vaak naar het lied: ‘Wat een dag’ van Esther Tims.

Binnenkort komt de dag,
dat ik Hem begroeten mag.
Mijn problemen zijn voorbij.
Jezus komt en ik weet dat Hij,
mij een plaats heeft bereid.
Vrede tot in eeuwigheid.
Wat een dag, oh wat een dag zal dat zijn.
Wat een dag wat een dag
als ik Hem begroeten mag.
En voorgoed naar Hem zal gaan
oog in oog met Hem zal staan.
En hij leidt mij aan Zijn hand
naar het lang beloofde land.
Wat een dag, oh wat een dag zal dat zijn.

Alle zorgen voorbij
want ook dat beloofde Hij,
en geen ziekte, geen pijn,
geen verdeeldheid zal er zijn.
Maar we juichen voor zijn troon,
zijn voor altijd bij Gods’ Zoon.
Wat een dag, oh wat een dag zal dat zijn.

Het gaf mij toekomstperspectief. Niet dat ik dood wilde -dat dachten sommige mensen om me heen- maar ik vond het zo mooi om te weten dat er straks niks meer was wat mij scheidde van Hem: geen dood, rouw, verdriet of noem maar op. En er zou geen verdeeldheid meer zijn: heerlijk leek me dat. Voor de duidelijkheid dat anderen anders denken vind ik niet erg als we de gedachtes en opvattingen van die ander, maar ook die van mij maar kunnen laten staan. Helaas lukt dat niet zo vaak, want in zijn algemeenheid wil men zijn gelijk: en dat gelijk is er mijns inziens vaak niet.
Terug naar het vrij mogen zijn ook hier in dit aardse leven. Ik wilde daar verder in komen, want veelal hoorde ik om me heen: je kan niet verzekerd zijn van een plek in de hemel. Een thema dat daaraan raakt: de uitverkiezing. Hoe kan het dat God zou bepalen wie wel en niet ging geloven? Bepaalde Hij dan of ik geloofde of deed ik dat zelf? Het leek mij het laatste, maar wat als dat niet zo was en ik het bij het verkeerde eind had? Daar kwam de voeding vandaan die mijn nachtmerrie om weggestuurd te worden uit de hemel veroorzaakte, die ik eerder in dit stuk beschreef. Maar gelukkig had ik een stemmetje in me dat zei: ook al voelt het niet goed voor anderen voor mij voelt het wel goed. Dat is mijn redding geweest. Niet alleen voor mijn geloof maar zoals later bleek ook voor mijn hoogbegaafd zijn of beter gezegd hoe ik mezelf zag. Ook al wist ik het niet ik was echt anders dan de meeste mensen om me heen. Niet alles bekijkend per deeltje, maar ik wilde het geheel overzien. En dat is wellicht in het gewone leven al moeilijk genoeg, maar in het geloof helemaal.

Begin van mijn beeld van God
Op mijn 17e deed ik belijdenis: ik geloofde, en geloofde dat Jezus voor mijn zonden was gestorven. Ik ervoer Hem lang niet altijd maar dat zou wel aan mij liggen dacht ik. Niet voor niks kreeg ik de tekst mee: geloven is de zekerheid van de dingen die we niet zien maar toch geloven. Ik wou wel eens dat God zich openbaarde aan me. Wel wist ik diep van binnen dat Hij er was, altijd. Maar hoe kon ik het rijmen met alle slechte dingen om me heen? Rijmen met mijn zondige aard? En waarom zou Hij zich bij de één wel kenbaar maken en bij de ander niet? Alleen vanwege Zijn Wijsheid? Ik kon daar niet in geloven. Ik geloof wel dat God zich openbaart op momenten waarop het ertoe doet. Maar ik blijf er af of dat God is die dat stuurt of dat het elementen zijn die samenkomen op dat moment. Ik was soms jaloers op mijn broer die toen zo sterk geloofde en ook alles aan Hem voorlegde. Elke dag begon hij met stille tijd en dergelijke, en hij voelde zich gedragen. Maar waar was God toen hij zijn geloof overboord gooide toen hij het niet kon rijmen met zijn homo zijn? Ik kwam er niet uit hoe het zou zitten. Want God was er dat wist ik zeker maar als hij rechtvaardig was dan moest er een andere kijk zijn.
Op de middelbare school, het Willem Lodewijk Gymnasium, had ik een moeilijke tijd. Ik kon niet leren, had ik nooit geleerd hoe ik dat op mijn manier zou kunnen en daardoor ging ik niet graag naar school. Maar plichtsgetrouw ging ik de meeste jaren die ik daar op zat er toch heen. De maatschappij- en godsdienstlessen waar de meeste van mijn klasgenoten een hekel aan hadden of beter gezegd niet echt actief mee wilden doen, waren voor mij de mooiste lessen die er waren. Een paar leraren staan me ook nog helder voor de geest. Eindelijk kon ik mijn ei kwijt en zou ik antwoorden krijgen, dacht ik. Ik deed wel weer kennis op en zag verbanden die ik eerst niet zag. Maar de overall kijk waar ik behoefte aan had kreeg ik niet. Toen wist ik niet waardoor het kwam dat ik dat wilde, tot ik er op mijn 35e er achter kwam dat ik hoogbegaafd was. Toen ik daarover ging lezen en anderen heb ontmoet vielen opeens alle puzzelstukjes rond dat thema van ‘ben ik gek of de rest’ op zijn plekje. Ik had altijd gedacht dat anderen net als ik konden denken en ook zo waren. Maar dat bleek dus niet zo te zijn. Er zijn dus mensen waaronder ik die sneller en breder kunnen denken en zien, maar ook willen en moeten kijken. Het hoogbegaafd zijn zit in je, je bent het en je hebt ermee te dealen. Dit om zo het leven te leiden wat voor jou is weggelegd. Niet je meer voelen, niet je minder voelen, maar wel anders. Zo heeft een ieder denk ik zijn of haar talent(en) gekregen om die te gebruiken en in te zetten voor jezelf en de ander.
Wel leerde ik ook daar op school dat geloven zeer persoonlijk was. In mijn kinderlijke kijk op het geloof zag ik ook dat ik er moest zijn voor mijn naaste. Ik heb nog vaak in mijn latere leven moeten denken aan wat die ene godsdienstleraar zei: Marlies er staat in de Bijbel heb je naaste lief als jezelf: niet meer dan jezelf.

Maar nu eerst het begin vanuit God.

Het begin vanuit God
Die andere kijk ligt denk ik o.a. in het begin van de Bijbel: bij de schepping. Misschien zit daar wel een groot deel van de oplossing van mijn antwoord op mijn zoektocht hoe het geloof in elkaar zit; hoe God mij ziet maar dus ook hoe ik Hem zie. Ik geloof dat God alles heeft geschapen. Maar dan heeft Hij ook de boom van de kennis van goed en kwaad geschapen. En als Hij dat deed dan had Hij daar een bedoeling mee. En ik kon er niet veel mee dat Eva door de duivel verleid zou zijn en dat zij het op haar geweten zou hebben dat ze uit het paradijs moesten. God heeft het bewust zo gepland. Hij wist dat Eva de appel zou pakken en daarmee zou zorgen dat ze uit het paradijs moesten. Want wat kan een mens met alleen het Goede? Als ik geen weet zou hebben van het Kwade, van het donker naast het licht: wat zou ik dan weten? En nog belangrijker wat zou ik dan leren? Want het verschil maakt mij duidelijk hoe het kan zijn. God had dus de bedoeling dat wij er kennis van zouden krijgen. Maar waarom dan? Hij wou geen robotjes denk ik. Hij wou dat we vrijwillig voor Hem zouden kiezen: als vrienden, en niet omdat het moest. We kregen onze eigen verantwoordelijkheid, onze eigen vrije wil. En van daaruit mag ik, mogen wij gelovigen dus leven. Het klinkt gemakkelijk zo maar ik merk meer en meer dat het juist niet zo is. Want ik loop er vaak tegenaan dat ik denk: is dit nu God die wat van mij wil of ben ik het zelf? En ik leer meer en meer naarmate ik ouder word dat ik het ben die dingen doet. Ik kan leren uit de Bijbel hoe ik kan leven en hoe ik mag leven, maar niet meer hoe ik moet leven zoals ik in mijn jeugd dacht. Ik mag in alle vrijheid genieten van Gods’ schepping. In vergankelijkheid: ja dat wel, maar dat is inherent aan mijn vrije wil en mijn kennis van goed en kwaad. Het kwade is dus door God moedwillig op deze aarde gebracht maar wel met een doel: dat wij straks maar ook nu in alle vrijheid en zonder schuldgevoel en zondelast mogen leven: hier maar ook straks als ik dood ben bij Hem.
Vandaar ook denk ik dat naast de boom van de kennis van goed en kwaad Hij de levensboom heeft gepland. Beiden staan symbool voor mijn geloof en geloofsbeeld maar bovenal hoe God het zag. De levensboom waar ik een voorproefje mee krijg van hetgeen me straks te wachten staat. De boom met de vruchten die eeuwig leven geven. Adam en Eva hebben een voorproefje daarvan gehad. Maar om er echt ten volle van te kunnen genieten denk ik dat het zo moet dat ik er vrijwillig voor heb gekozen. Daarnaast ook te ervaren te weten wat het onvolmaakte is.

En om terug te komen bij God: Hij ziet ons dus zoals we zijn, met al onze goede en minder goede bedoelingen en houdt van ons!

God ziet mij
Er is een psalm die me al mijn hele leven ‘achtervolgt’ of beter gezegd die ik me laat achtervolgen.
Uit het psalmboek psalm 139 onberijmd de verzen 1, 2 en 14:

Heer, die mij ziet zoals ik ben,
dieper dan ik mijzelf ooit ken,
kent Gij mij, Gij weet waar ik ga,
Gij volgt mij waar ik zit of sta.
Wat mij ten diepste houdt bewogen,
’t ligt alles open voor uw ogen.

Gij zijt zo diep vertrouwd met mij:
wie weet mijn wegen zoals Gij?
Gij kent mijn leven woord voor woord,
Gij hebt mij voor ik spreek gehoord.
Ja overal, op al mijn wegen
en altijd weer komt Gij mij tegen.

Doorgrond, o God, mijn hart, het ligt
toch open voor uw aangezicht.
Toets mij of niet een weg in mij
Mij schaadt en leidt aan U voorbij.
O God, houd mij geheel omgeven,
En leid mij op den weg ten leven.

Deze psalm troost me, vertroost me. Er is Iemand die mij ziet en dat niet alleen, Hij ziet me ook zoals ik ben. Hij kent mij; Hij kent mij zelfs beter dan ik mezelf ken. Ik hoef niks te zeggen, Hij weet al wat ik behoef. En Hij omgeeft mij; Hij is er! Maar ook hier komt weer het dilemma wat ik had terug: God geeft alles maar ook als ik erom vraag? Of alleen als het in Zijn Wijsheid past? Ik kon me niet voorstellen dat God niet voor iedereen gelijk zou zijn. Dat Hij de een wel gaf wat hij/zij nodig had en de ander niet. En waarom gebeuren er dingen zoals je verkering die uitgaat, je partner die overlijdt, je kind dat niet gelooft, oorlog, honger en zo kan ik nog veel meer opnoemen. Ik weet dat God er is, en ik denk dat dat komt omdat Hij oneindig is. Hij is die was, is en komen zal. Dat impliceert voor mij dat God alles overziet in één blik: het verleden, het heden en de toekomst. Hij heeft inderdaad een plan. Hij wil graag dat een ieder dat plan ziet en er wat mee doet. Maar ik geloof niet dat Hij het je oplegt. Jij kiest uit eigen vrije wil. Zoals ik eerder beschreef in de schepping dat God mij en een ieder een eigen verantwoordelijkheid mee gaf, en een eigen vrije wil om in Hem te gaan geloven of niet. Dat Hij het weet is een ander verhaal. Hij weet namelijk omdat Hij ook in de toekomst is, wat er gebeurt: Hij ziet het. Maar dat betekent mijns inziens dus niet dat Hij het ook bepaalt. Jij maakt zelf je keuze. Dat plan van God omvat meer dan het persoonlijk plan van mij en alle anderen samen. Hij weet Alles en van daaruit heeft Hij zijn plan met ons allen als het ware gevormd. En dat plan wordt pas ten volle werkelijkheid denk ik als we in Zijn Eeuwigheid verder leven. Tot dan mag ik vrijelijk mijn gang gaan. Ik ben gekocht en betaald met Zijn bloed en uit die genade mag ik leven in het hier en nu met al zijn onvolkomenheden en ook die van mij. Die vrijheid gaven wij onze drie kinderen ook mee op hun geboortekaartjes met de zegen van Hem.

Op die van Mieke stond:
In Gods Schepping ontstaan
begin je aan een eigen bestaan.
Zelf verantwoordelijk
voor de keuzes in het leven
wil God je toch
Zijn Liefde en Zegen geven.

Op die van Monique stond:
Creatie van God
wiens geloof in mensen
onverwoestbaar is,
wat er ook is gebeurd
je mag er zijn,
van meet aan
heb je Zijn Zegen.

Die mensen,
Hij rekent op hen,
liefdevol heeft Hij
Zijn Hart in jou gelegd,
luisterrijk
kan jij je gang gaan.

En als laatste op die van Paul stond:
Ons kind, ons broertje,
maar geen bezit.

Volkomen afhankelijk,
volkomen vrij.

Niet gemaakt,
Maar geschapen.
God,
die jouw naam kent,
die achter je staat,
die onvoorwaardelijk in je gelooft.

Ademen mag je, jezelf zijn, leven.
Je bent uniek.

Ik wist dus dat God in het verleden, heden en de toekomst was. Met dat gegeven en die zekerheid wist ik dus ook dat Hij tijdloos was. En als Hij overal is dan is Hij dus in alles. Maar dan weet Hij ook alles omdat Hij weet wat er was, is en dat is beiden nog niet zo vreemd want dat kunnen wij ook weten maar Hij weet dus ook wat komt, zal zijn. Hij weet dus wanneer ik bijvoorbeeld dood zal gaan, maar betekent dat ook dat Hij er Zijn Hand in heeft? Ja en nee denk ik…ja Hij weet het en zal er zijn op dat moment, maar nee Hij zal niet actief ingrijpen als het niet zo zal zijn. Mijn keuzes, mijn redeneringen, mijn aannames: Hij kent ze maar het betekent niet dat Hij ze beïnvloedt want dan zouden het niet mijn eigen keuzes zijn in vrijheid genomen maar opgelegd door Hem. Maar hoe kan het zo zijn dat God met elk van ons een plan heeft? Bepaalt Hij dan wat er gebeurt? Ik denk van niet. Hij weet het maar ik maak keuzes, die Hij kent omdat Hij tijdloos is, maar dat betekent mijns inziens dus niet dat Hij bepaalt. Dit brengt me bij het volgende.

Menselijk schuldgevoel
Heerlijk om zo te mogen leven in de wetenschap dat Hij er is, in alles, maar wel met je vrijheid en als je daarvoor kiest in afhankelijkheid van Hem. Ik heb zelf vaak genoeg last van schuldgevoelens en zag dat ook bijvoorbeeld bij mijn moeder en een tante, toen die niet lang te leven meer hadden. Alles uit hun jeugd kwam terug en mochten zij er dan op vertrouwen dat ze bij God mochten komen? Ze hadden zo veel ‘fout’ gedaan en de God uit hun jeugd strafte ook naast de liefdevolle God die Hij was. Mijn moeder ging trouw naar de kerk en werd dagelijks gevoed in haar geloof. Maar blijkbaar kwam ze, toen ze moest sterven, de God tegen die over haar recht zou spreken. Mijn tante dacht doordat ze niet trouw naar de kerk ging, dat ze niet meer op de genade van Hem mocht rekenen toen ze ging sterven. Dat was ook wel erg gemakkelijk zei ze als het dan ook nog kon. Ik zei alleen dat ik dacht dat het geloven op zich op welk moment je dat ook uitsprak, en als je daarin geloofde en wist dat je door Jezus’ bloed gereinigd was van al je zonden, genoeg was om verzekerd te zijn van Zijn Belofte dat je Eeuwig bij Hem mocht komen. De moordenaar aan het kruis was toch een voorbeeld dat God onszelf gaf? Ik gaf haar ook nog Psalm 139 mee waarin de gedachte wordt uitgesproken dat Hij haar kende, zag, en wist wat ze wellicht niet uitsprak. Ik moet zeggen dat ik de schuldvraag erg herken. Want aan de ene kant geloof ik erg kinderlijk: mijn zonden zijn me vergeven omdat ik geloof, maar als ik moedwillig zaken verknal, niet leef zoals God dat wil: wat dan? Zal God me dan nog wel vergeven? Maar dan denk ik weer aan Zijn Belofte dat Zijn bloed mij voor altijd heeft vrijgekocht en alle schuld afbetaald is, dus hoe kan God mij dan nog daarvoor ‘straffen’? Dan doe ik toch geen recht aan hetgeen Hij zelf zegt en beloofd? Plus leven vanuit schuldgevoel is niet het gene wat goed is voor jezelf en voor je omgeving.

God is in Alles
God is in Alles. Daarvan ben ik overtuigd. Nu kan ik dat met volle overtuiging zeggen. Vroeger dacht ik dat wel maar op een geheel andere manier en niet gebaseerd op een beeld dat voor mij passend was. God houdt me altijd vast: is er in Alles. Dus niet alleen in het goede hetgeen ik vroeger dacht, maar ook in het kwade. Wellicht juist dan heb ik het harder nodig te weten dat Hij me vasthoudt ondanks alles. Ondanks mijn keuzes die lang niet altijd goed zijn. Ondanks mijn daden die lang niet altijd goed zijn. Hij is er en laat me in alle vrijheid zelf kiezen, zelf bepalen wat ik doe. En aangezien daar het kwaad bij hoort is Hij daar ook: om het mogelijk te maken dat ik en een ieder die dat wil vrijwillig te kiezen voor Hem: niet als robotjes maar als mensen die zelf verantwoordelijk zijn voor de keuzes in zijn of haar leven. Als het klopt laat ik me voeden door hetgeen ik weet van Hem uit Zijn Woord. Daarin staat beschreven hoe Hij het leven ziet. Hij geeft richtlijnen. Hij laat in alle verhalen zien dat we op Hem aan kunnen maar ook vrij onze gang mogen gaan. En als ik dat wil voel ik ook Zijn aanwezigheid: door alles wat Hij heeft geschapen: de mens hoe wonderlijk zit hij/zij niet in elkaar, de natuur waarin zulke prachtige onvoorstelbare zaken aan het licht komen, maar ook en alleen omdat ik dat zo ervaar: Hij zelf die zich daarin openbaart. Ik heb enkele momenten meegemaakt in mijn leven dat ik Hem echt heb ervaren. Op cruciale momenten was Hij er. Niet altijd als ik erom vroeg want dat kan ook niet denk ik. Hij is geen Sinterklaas die ik dingen kan vragen en die ik dan ook krijg. Wel krijg ik het mooiste wat iemand maar kan geven: Zichzelf. En daarin het Eeuwige Leven.
En zo kom ik tot het slot.

Persoonlijk geloof
Wat een ieder gelooft is heel persoonlijk. Jij moet voor jezelf en later voor God kunnen verantwoorden waarom je hebt geleefd zoals je hebt geleefd. Maar met de zekerheid dat je alles al vergeven is. Maar die verantwoording is wellicht nodig als ‘stok achter de deur’. Want het is wel mijn stemmetje dat me soms tegenhoudt dingen anders te doen, te zien et cetera. Maar niet zoals ik vroeger dacht dat als ik niet goed leefde ik gestraft zou worden in het leven hier maar zeker in het eeuwige leven waar ik dan geen deel van uit zo mogen maken. Nee dus, alles is mij vergeven wat ik heb gedaan, wat ik nog zal doen ook en uit die vrijheid en in die vrijheid kan en mag ik leven, het leven zoals ik denk dat het goed is.

Vanuit dit gegeven wil ik dan ook graag eindigen met enkele persoonlijke geloofservaringen: het zijn mijn ervaringen, mijn gevoelens, mijn beelden.

Mijn geloofservaringen
Ik wil toch graag enkele ervaringen delen waardoor ik weet dat God er is. Greep Hij actief in? Eén ding weet ik wel: Hij was er zoals altijd maar nu zo bepalend voor mij. En deze ervaringen heb ik stuk voor stuk nodig gehad om mij ‘gerust te stellen’. Waarom heb ik er niet meer gehad? Ik denk dat ik genoeg had aan wat ik kreeg en ervaren heb.

Toen ik enkele jaren getrouwd was voelde ik me vanwege persoonlijke omstandigheden zo eenzaam als ik me nog nooit had gevoeld. Ik zat in onze huiskamer en zie me nog zitten. Ook op dat moment zag ik mezelf zitten en voelde een alom aanwezigheid die groter was dan ik. Ik voelde even helemaal niks meer, ook geen eenzaamheid, niks. En in dat niks en die alom aanwezigheid hoorde ik een stem, die zei: maar Ik ben er toch….Als ik er nog aan denk word ik ontroerd. Dit was een bevestiging voor mij dat God er is, ook al zag ik Hem niet. Ik kan niet zeggen dat God zich actief aan mij heeft geopenbaard want ik zag Hem niet, maar ik heb wel ervaren dat Hij er was. En daar kon ik dacht ik toen mijn leven lang mee toe.

Een andere keer toen ik van mijn werk naar Dordrecht reed, waar een tante van mij woonde waar ik die nacht zou slapen, reed ik op een rotonde. Ik kende de weg niet. Ik weet nog dat het een heel grote rotonde was en het regende al wel maar opeens kwam het met bakken tegelijk uit de hemel en kon ik geen hand voor ogen meer zien. Ik zag de weg niet, ik zag mijn voorligger niet, ik wist niet waar ik reed en welke afslag ik moest nemen. Op dat moment nam iemand het stuur van me over en voor mij opeens reed ik op de weg naar Dordt zonder dat ik ergens tegenaan was gereden of een ongeluk had gehad. Ik weet nog dat ik op de rotonde zo bang was en dat ik nog zo graag wou leven, maar me ook realiseerde dat dit het einde kon zijn. Ik denk dat toen mijn beschermengel mij heeft bewaard. Het was mijn tijd nog niet. En aangezien God dat weet in zijn oneindigheid en Zijn zijn in verleden, heden en toekomst, overleefde ik dit natuurgeweld. Later moest ik denken aan het laatste hoofdstuk van het boekje van ds. Pagée ‘Op weg naar de nieuwe aarde’ waarin hij beschrijft hoe hij denkt dat het daar zal zijn en waarin hij ook duidelijk aangeeft dat hij zich momenten weet te herinneren dat het vreemd was dat alles zo goed ging terwijl het eigenlijk slecht had moeten aflopen en dat dan een beschermengel tegen hem zegt: zie je nu dan niet dat ik er was op dat moment?

Een paar jaar geleden heb ik een zware operatie moeten ondergaan. Ik heb dagen en dagen morfine gehad en mede daardoor had ik vreselijke dromen. Op een nacht droomde ik weer zo ongelooflijk eng over reptielen, slangen ed. die uit een koelkast kwamen en op me af kwamen om me te verzwelgen en ik was zo bang als nooit te voren. Toen opeens bad ik met alles wat ik me had: neem dit weg van me want dit wil ik niet meer. En wonderlijk genoeg is het niet meer gebeurd in die nachten erna. Ik sliep droomloos of beter gezegd ik weet niet wat ik droomde, maar weet wel dat ik niet meer zo’n angst heb gehad. Ook hierin geloof ik dat God er was. Hij wist dat het me te veel werd en ik vertrouwde op Hem maar ook op mezelf dat we samen konden zorgen dat die enorme angst verdween.

Een paar maand geleden werd ik op een nacht wakker en voelde niks meer. Ik voelde mijn ademhaling niet meer, mijn hart voelde ik niet kloppen en dacht heel eventjes: ben ik dood? Maar tegelijkertijd wist ik dat ik in mijn bed lag en er was zo’n ongelooflijke rust in en rondom me. Een serene rust als ik nooit ervaren had. Toen ik de volgende ochtend wakker werd voelde ik nog die rust ook al hoorde ik me toen weer ademhalen en voelde ik mijn hart kloppen. En bedacht me dat dit mijn voorland was. Die eeuwige vredige serene stilte waarin ik van alles mag doen in een volmaaktheid waar ik nu af en toe een tipje van mag zien.

Marlies Wind-Verhoeven, 2013.

Slim zijn is leuk, mits je slim doet! -doorkijk-

Wilma van Galen
Ergens midden in een reportage waarin een reporter ging onderzoeken of hij zijn I.Q. op kon krikken, kwam ‘de slimste’ man van Amerika ook heel even in beeld. ‘Hoogbegaafdheid heeft voor mij met hogere taal en metafysica te maken’. Iets in mij veerde op en van alle gesproken woorden bleef het nagalmen. Niet veel later veerde ik tijdens een ontmoeting met een aantal hoogbegaafden wederom op toen iemand zei ‘we hebben andere taal, schone taal’ nodig. Weer iemand anders kwam aan met de term ‘tussentaal’. Een zoeker pur sang die graag buiten de bekende manier van denken zijn antwoorden zoekt en zich de blaren schrijft, maakte de 3-eenheid in mijn hoofd compleet door uit te spreken dat hij nog naar woorden zoekt.

Ondanks ik graag schrijf ben ik niet van de woorden zolang er geen woorden lijken te zijn die hoe ik in de wereld sta kunnen omvatten. Of beter gezegd; ze zijn er wel maar ze worden nog wel eens gebruikt op een dusdanige holle manier dat ik afhaak. Gelukkig steeds minder vaak een steek in mijn hart veroorzakend. Ik heb veel liever iemand die eerlijk tot op zijn eigen bot is dan iemand die om zijn waarheid heen draait en vanuit allerlei beschermingsmechaniekjes handelt. Los daarvan hou ik niet van woorden omdat er vaak veel woorden nodig zijn om iets uit te leggen terwijl een beeld meer zegt. Het gevoel van ‘het gaat maar door en door en door’ terwijl alles al gezegd, zucht.

Hoewel ik mij al een tijd met hoogbegaafdheid bezig hou, werd mij recent weer op een andere manier duidelijk hoe het denken werkt van hoogbegaafden en waarom de roep om andere taal niet alleen een roep van mij is. En hoe de belevingswereld in elkaar steekt van veel hoogbegaafden.

Er waren drie beelden voor nodig om de woorden waaraan weer heel veel andere woorden kleefden en die als een orkaan in mijn hoofd draaiden tot stilstand te brengen. Opeens stond ik stil in het middelpunt.
Daar waar het stil is en waarin we ten alle tijden staan maar waar we nog wel eens uitgeschoten lijken te raken met alle mogelijke ellende van dien. Je handen uitstrekken om de wereld te verkennen en de ander te ontmoeten is leven maar zodra je je centrum verlaat wordt je meegezogen en je leven, overleven.

Stef Bos – Lied van Job – Nulpunt

Drie beelden: een bak met pistachenoten, behangboeken met bijpassend doorzichtige gordijnstof en een man die vertelde over dat hij tijdens een moment van instorten huilend op de grond zakte en, voordat hij weer omhoog kwam, zijn verdriet verwerkt had en wist hoe hij verder moest.

Ieder mens staat in zijn eigen middelpunt, zijn kern die in feite leeg is. Onze kern, onze bewustzijn heeft geen vorm en kan je niet aanraken. Veel mensen menen dat we niet verder gaan dan ons lichaam; alsof we een pistachenootje zijn waarvan de schil ons lichaam is en het nootje zelf alles is wat we denken en voelen. Ik denk dat we iets meer zijn; dat de ruimte om ons lichaam heen onderdeel van onze kern uitmaakt. Om elk nootje heen is ruimte. Een gedachte die wel aansluit bij de kwantumfysica (hoe zien pistachenootjes eruit) en de metafysica (wat kunnen we met pistachenootjes). Boeddhisten beseften allang dat vorm leegte is en leegte vorm. En christenen beseffen het ook; in het Bijbelboek Prediker staat: ‘lucht en leegte, alles is leegte’.

Stef Bos – “Alles is lucht” – Lied van Prediker

Ondanks dit gedachtegoed rent de mens als het ware al duizenden jaren achter deze materie aan. Veel mensen denken niet zoals de kwantumfysica opgebouwd is. Veel mensen denken lineair en zien niet allerlei verbanden. Een hoogbegaafd mens daarentegen wel. De associatieve manier van het denken en het leggen van verbindingen sluit veel meer aan bij de leer van de kwantummetafysica. Het is net alsof een hoogbegaafde met een bepaald uitgangspunt, diverse gedachtes en gevoelens onder de loep kan nemen. Veelal op een abstracte manier. Dit veroorzaakt een gapend gat met veel mensen die concreet denken, weinig associatief zijn en weinig verbindingen leggen. Om dan terug te komen op mijn doorzichtig gordijnstofje……. Een hoogbegaafde kan dat lapje op een onwillekeurig iets houden en daar zijn conclusies uit trekken. De oorzaak dat ze nog wel eens iets vatten zonder zich ooit erin verdiept te hebben. En waardoor er meer inzicht is in de aard der dingen.

Het is een andere manier van mens zijn. Helaas worden ze nog wel eens gezien als dwarsliggers; iets dat klopt voor de massa die in de regel het spoor volgt waarop ze lopen. Zelfs in onze huidige tijd waarin veel gebeurt en er oplossingen dienen te komen voor allerlei ontwikkelingen zijn dwarsliggers weinig welkom. Iets wat bij de dwarsligger kan zorgen voor een existentiële depressie. Het zijn van een hoogbegaafde of beter gesteld, hoogbewust mens komt in het gedrang wanneer hij afgewezen wordt om wie hij wezenlijk is en vervormt wanneer hij zich tracht te conformeren.

Wakker in een vreemde wereld -De Dijk-

De mens is in ontwikkeling en we leven nu nog in de derde dimensie; een lineair vervormde wereld vol van regeltjes en gezag maar die is behoorlijk aan het afbrokkelen. Een heftige tijd omdat al onze schijnbare zekerheden aan het instorten zijn. Hoogbewuste mensen zijn zich hier al veel langer bewust van. Voor (hoog) intelligente mensen kan het kwartje in de loop van het leven vallen dat de wereld die we voorgeschoteld krijgen niet klopt. Hoog bewuste baby’s komen daarentegen met hun 4d bewustzijn in een 3d wereld terecht.

Hoogbewust zijn is wezenlijk anders dan (hoog) intelligent zijn. Er is een sterke verbinding tussen denken, voelen en het lichaam. Het bewustzijn reikt verder uit. Ik meen dat ze hierdoor nog wel eens sneller door een emotioneel, psychisch en geestelijk proces kan gaan. Mits ze niet vast zitten in een vorm van existentiële depressie.

De Poolse psychiater Kazimierz Dabrowski zijn persoonlijkheidstheorie draait om hoogbewust worden. Via een proces van desintegratie kan je op het niveau komen waarin je weer volledig mens bent en de ander even volledig kan laten zijn. De van origine 4d baby die afgedwaald is, terug naar zijn basis.
Maar ook de grondlegger van het enneagram, George Ivanovitsj Gurdjieff (filosoof, mysticus, schrijver, componist en choreograaf) had mijn inziens al het één en ander in de gaten. Zo te lezen was de man ook hoogbewust. Zijn werk zat ook vol met neologismen; nieuwe woorden!

Onder het begrip bewustzijn verstond Gurdjieff iets dat veel meer omvat dan de gebruikelijke mentale gewaarwording. Volgens hem vereist werkelijk bewustzijn een integratie in het moment van het denken, het voelen en het lichaam. Alleen dan kan een hogere energie ons bereiken en actief in ons worden. Lichaamsoefening, dans, speciale muziek en allerlei creatieve bezigheden zouden kunnen leiden tot integratie.
Dabrowski stelt dus dat je via een proces van uiteen vallen (lijden) en heling je als mens ontwikkeld. Gurdjieff plant je op de dansvloer en zet je aan creatief / ambachtelijk werk. ‘Het hoogste wat een mens kan bereiken is het vermogen te doen’ stelt Gurdjieef.

Turning -muziek die de ziel in beweging kan brengen-

En ik? Ik denk dat uiteenvallen noodzakelijk is wanneer je als hoogbewust mens vast bent gelopen in de 3d wereld en zowel creatieve bezigheden als lichaamsgerichte activiteiten je helingsproces kunnen versnellen waardoor je weer bij je eigen pure bewustzijn, je basis uit komt.
Slim zijn is leuk, mits je slim doet!

Wilma van Galen

Grenzeloos denken

‘Wat betekent hoogbegaafdheid nou eigenlijk voor mij?’, is een vraag die veel slimmeriken zich stellen. De rijtjes met kenmerken en/of de uitslag van een IQ test zijn interessant maar hoe vertaal je het naar je zelf? Naar je gevoelsleven, je gedachten, je gedrag, je leven?

Na het schrijven van de stukken waarin de parabel van de olifant en de zes blinde mannen een rol speelt, zie ik opeens voor me dat hoogbegaafden nog wel eens op de olifant willen klimmen. ‘Normaal begaafden’ houden zich vast aan de flanken van de olifant; grijpen een oor of pakken de staart. Een hoogbegaafde klimt echter (mits hij niet in onderpresteren en aanpassen is blijven steken) op de rug van de olifant. Mensen die volgens de definitie normaal zijn blijven oogcontact houden met de huid van de olifant. Ook al kijken ze naar links, rechts of naar boven; het grijs blijft in hun blikveld. Slimmeriken daarentegen kunnen zowel huid als lucht zien en dat is een wezenlijk verschil.

‘Normaal begaafden’ denken in de regel concreet en slimmeriken hebben een sterke neiging tot abstract denken. Concreet denken heeft te maken met nadenken over onderwerpen die het heden betreffen en/of zichtbaar zijn. In de eerste levensjaren denken we allemaal concreet en afhankelijk van leeftijd, slimheid en ontwikkeling gaan we op een zeker moment in meer of mindere mate, ook abstraheren.

Bij het abstract denken gaat het meer om voorstellingen die men van bepaalde zaken kan maken die men niet in de realiteit kan zien, voelen of met andere zintuigen waar kan nemen. Abstractie komt van het Latijnse woord abstraheren wat ‘weglaten’ betekent. Abstractie is het weglaten van alle niet essentiële informatie of kanten om meer fundamentele structuren zichtbaar te maken. Iets dat je in staat stelt om te conceptualiseren (de samenhang & overeenkomst tussen verschillende zaken zien) of te generaliseren (in staat zijn om ideeën, mentale constructies en regels op verschillende zaken toe te passen). Door abstraheren kan je boven de materie gaan staan en voorbij de lijntjes kijken.
Het vermogen om op een ‘hoog niveau’ abstract te kunnen denken heeft invloed op je manier van leren. Onderwijs en informatieoverdracht vinden in de regel plaats via de bottum-up methode (van concreet naar abstract; van delen naar geheel) terwijl een slimmerik veel meer heeft aan ‘top-down’. En het heeft invloed op hoe mensen je zien en op je manier van communicatie. Wanneer je alleen of voornamelijk op een abstracte manier communiceert, zal je regelmatig niet begrepen worden. Men snapt bijvoorbeeld werkelijk niet wat je bedoelt, zien het belang van iets niet in of je wordt pakweg neergezet als een rationeel mens terwijl onder het abstracte denken, net zo goed een mens zit mét gevoel.

Om in de metafoor van de olifant te blijven. Op de rug van een olifant is minder plek dan bij zijn voorkant, achterkant en zijdes. Er zijn veel meer mensen die concreet denken en soms iets abstract maken dan mensen die juist die tegenovergestelde neiging hebben. Niet fijn. Eenzaamheid ligt op de loer als je niemand hebt met wie je op jouw niveau kunt communiceren. Tevens kan het nog wel eens een demotiverend effect hebben op leer- en werkprestaties. Je zuigt iets uit je duim op een abstract niveau en men vindt je visie fantastisch. Of je ziet bijvoorbeeld wat er binnen een systeem hapert en wat de oplossing zou kunnen zijn maar wanneer je dat naar voren brengt wordt je niet begrepen of men neemt afstand omdat men zich bedreigt voelt.

Maar er is hoop………… ‘Slim zijn is leuk mits je slim doet’ is niet voor niets mijn slogan. Als slimmerik kan je je slimheid ook bijvoorbeeld inzetten om af te dalen. De meeste mensen kunnen niet omhoog; jij kunt wel omlaag. Het is niet de bedoeling om opeens een concreet denkend mens te worden maar je kunt wel je manier van communiceren veranderen zodat je in ieder geval verbinding kunt maken met een ander. Al blijft het van groot belang dat je ook mensen in je omgeving hebt en voer tot je neemt die past bij het ‘boven op de olifant zitten’. Naar beneden glijden en niet meer naar boven kunnen terwijl daar wel je thuis is, is niet fijn.

Wilma van Galen

Misdiagnose van hoogbegaafden

Auteur: James Webb
ISBN: 9023250338
Via een collega kreeg ik dit boek te leen en heb het echt verslonden. De vertaling is niet geweldig en de stukken over persoonlijkheidsstoornissen kloppen niet helemaal, maar voor de rest is het een heel nuttig boek!
Als Kinder- & Jeugdpsycholoog kom ik regelmatig de labels ODD, ADHD, autisme en depressie tegen bij kinderen. Nu specialiseer ik mij in hoogbegaafdheid en heb daardoor een andere doelgroep dan de meeste Kinder- & Jeugdpsychologen. Ook merk ik dat ik een andere benadering op de kinderen heb dan reguliere instellingen. Ik kijk als het ware met een HB-bril naar het kind, waardoor ik zeker niet altijd op dezelfde conclusies kom als andere psychologen.
Ook ben ik geen GZ-psycholoog. Dit wil zeggen dat ik een bepaalde tweejarige opleiding na mijn master Kinder- & Jeugdpsychologie niet heb gedaan. Hierdoor word ik niet vergoed door zorgverzekeraars en mag ik geen diagnoses stellen. Ik mag wel onderzoek doen en daar conclusies uit trekken over de ernst en verklaringen voor problematiek, maar de labels mag ik niet plakken. Stiekem ben ik daar heel erg blij mee, omdat ik me niet bezig hoef te houden met het zoeken naar kenmerken van stoornissen. Wanneer een kind heel goed binnen een plaatje van een stoornis past en ik het idee heb dat een label wel kan helpen voor extra hulp, zal ik zeker doorverwijzen. Maar het zal nooit gebeuren dat de termen autisme, ADHD of ODD in mijn verslagen staan. Ik heb wel ervaring met de manier waarop mensen aan de haal gaan met die termen, zeker in het onderwijs, waardoor ik het heel bewust niet doe.
Toen ik dit boek las werd mij nogmaals duidelijk hoe nuttig het kan zijn om met zo’n HB-bril naar kinderen te kijken. Het verklaart veel problemen die gedragsmatig misschien op een stoornis zouden lijken, maar een hele andere oorzaak hebben dan wanneer het echt om een stoornis gaat. Hierdoor is de oplossing voor de problematiek ook anders. Mijn hoop is dat zoveel mogelijk professionals in de GGZ dit boek gaan lezen, zodat misdiagnoses minder vaak voorkomen. Zo kan de boodschap ‘er is iets mis met jou, jij moet je aanpassen omdat je een stoornis hebt’ aan kinderen minder snel worden gegeven.
Hoogbegaafde mensen zijn juist enorm sociaal vaardig, gedreven, gemotiveerd, leergierig en geconcentreerd wanneer ze in de juiste omgeving zitten. Tip aan iedereen die iets met psychologen wilt en (een vermoeden van) hoogbegaafdheid in het spel is: zoek iemand die ook met een HB-bril ernaar kijkt. En misschien ook: lees het boek.

Bio drs. Lisanne van Nijnatten:
Lisanne is Kinder- & Jeugdpsycholoog die zich in haar bedrijf Edu & ik (edu-en-ik.nl) richt op onderwijsadvisering, projectontwikkeling, diagnostiek en begeleiding. Haar expertise ligt voornamelijk in hoogbegaafdheid, leren leren en autisme. Hiernaast is zij docent aan de Universiteit Utrecht op het gebied van diagnostiek en testtheorie.

Nieuwe IQ test: RAKIT-2

drs. Lisanne van Nijnatten:

Sinds het najaar van 2012 is er in Nederland een nieuwe IQ test op de markt, de Revisie Amsterdamse Kinder Intelligentie Test tweede editie (RAKIT-2). In juli 2013 heeft deze test een positieve beoordeling gekregen van de Commissie Testaangelegenheden Nederland (COTAN). Hiermee hebben we een goede nieuwe aanwinst op het gebied van intelligentie onderzoek.

De RAKIT-2
De RAKIT-2 is een IQ test voor kinderen op de basisschool van 4 tot en met 12 jaar. Voor kinderen in deze leeftijd op het voortgezet onderwijs zijn geen betrouwbare normen. De RAKIT-2 kan IQ scores tussen 40 en 145 meten. Naast een totaal IQ score, levert de RAKIT-2 afname ook vier factorscores op. De vier factoren zijn als volgt: Verbale vlotheid, verbaal leren, ruimtelijk inzicht en oriëntatie en perceptueel redeneren. Hierbij maakt de RAKIT-2 een duidelijk onderscheid tussen verbaal en niet-verbaal, maar ook tussen het verwerken en het handelen met informatie. Zo ontstaat er een genuanceerd beeld van een intelligentieprofiel.
RAKIT-2 ten opzichte van de WISC-III
Nu er een nieuwe test op de markt is, kan dit een aardige concurrent worden voor de meest gangbare intelligentie test binnen deze leeftijd, de Wechsler Intelligence Scale for Children (WISC-III). Het materiaal van de WISC-III stamt inmiddels al uit 1991 en is op sommige fronten verouderd. Daarin heeft de RAKIT-2 wel een klein voordeel. De factorstructuur van de WISC-III verschilt ook van de RAKIT-2. Belangrijk hierbij is wel te melden dat de voorspellende waarde van de IQ scores van de WISC-III over onder andere schoolprestaties gering is. Deze voorspellende waarde is dan ook onvoldoende beoordeeld door de COTAN. De voorspellende waarde van de RAKIT-2 is wel goed beoordeeld. Of de WISC-III hierdoor minder vaak door professionals gebruikt zal worden is nog de vraag. De RAKIT-2 kan ook gebruikt worden voor een second opinion op een onbetrouwbare WISC-III afname.

RAKIT-2 en hoogbegaafdheid
Ik werk zelf specifiek met hoogbegaafde kinderen gebruik de RAKIT-2 dus regelmatig voor bepaling van IQ scores voor een kind met een vermoeden van hoogbegaafdheid. De RAKIT-2 meet IQ scores tot en met 145. Jammer dat er nog steeds geen IQ test in Nederland beschikbaar is die IQ scores boven 145 meet. Toch prefereer ik de RAKIT-2 boven de WISC-III.
Een aantal problemen bij hoogbegaafde kinderen kan optreden tijdens een afname van testen, wat ook een IQ score kan beïnvloeden. Kinderen kunnen door perfectionisme of faalangst blokkeren, waardoor ze onvolledige antwoorden geven of weigeren antwoord te geven. Ook kan het kind verveeld raken, waardoor het opgeeft voordat een valide score is behaald. Ik heb zelf gemerkt dat de kans dat deze problemen zich voordoen kleiner is bij de RAKIT-2 dan bij de WISC-III. De RAKIT-2 vraagt minder uitgebreide antwoorden, waardoor ook bij een simpel antwoord volledige score kan worden behaald. Een plaatje aanwijzen is meetal al genoeg. Ook kan de testafname gestaakt worden wanneer een kind compleet blokkeert, waarna binnen een week de afname nog betrouwbaar afgemaakt kan worden. Natuurlijk hangt de kans op problemen ook af van de deskundigheid van de onderzoeker op het gebied van hoogbegaafdheid.
Op het gebied van creatief denken, waar binnen het klassieke triadische model van Renzulli ook een criterium voor hoogbegaafdheid ligt, heeft de RAKIT-2 een streepje voor op andere intelligentietests. De verbale vlotheid factor omvat ook een vermogen tot snel en creatief denken. Hoewel dit een klein onderdeel van de test is, geeft dit wel een mogelijkheid weer om creatief te denken en dit in concreet handelen om te zetten. Een factor die in andere intelligentietests niet voorkomt.

Naar mijn ervaring en beoordeling als professional is de RAKIT-2 dus een zeer geschikte intelligentietest voor kinderen waar hoogbegaafdheid wordt vermoed. Ik ben erg benieuwd of deze test gangbaar gaat worden onder psychologen, of dat de meesten toch graag vasthouden aan de oude vertrouwde WISC-III.

Bio drs. Lisanne van Nijnatten:

Lisanne is Kinder- & Jeugdpsycholoog die zich in haar bedrijf Edu & ik (edu-en-ik.nl) richt op onderwijsadvisering, projectontwikkeling, diagnostiek en begeleiding. Haar expertise ligt voornamelijk in hoogbegaafdheid, leren leren en autisme. Hiernaast is zij docent aan de Universiteit Utrecht op het gebied van diagnostiek en testtheorie.

‘Ik ben niet labiel, maar flexibel’

Wilma van Galen
Deze uitspraak van Theo Maassen zou eigenlijk op je lippen moeten branden wanneer je één van die (hoog)begaafden bent die op allerlei gebeurtenissen op een intense manier reageert. Als je echt blij bent dan lijkt je hart uit je borstkas te komen zetten en als je verdriet hebt, dan lopen de tranen spontaan over je wangen heen. Het ‘Jantje lacht, Jantje huilt-effect’. Mits je natuurlijk niet zo’n muur om je heen hebt gezet dat weinig je nog kan raken.
Volgens de Poolse psychiater Dabrowski is die intensiteit één van de overexcitablities die ervoor zorgt dat je als hoogbegaafde groeit. Dabrowski onderscheidt overprikkelbaarheid van de verbeeldingskracht en
psychomotorische, zintuigelijke, intellectuele en emotionele overprikkelbaarheid.

In mijn blog over overexcitabilities staat bij emotionele overprikkelbaarheid: ‘
Uitingsvorm> Complexe gevoelens en emoties, een sterk en verfijnd gevoelsbewustzijn, verlegenheid. Sterk vermogen tot empathie, mededogen, verbinding ervaren. Een sterke gehechtheid aan personen, dieren of plaatsen en een emotionele intensiteit en sensitiviteit voor bijzondere kenmerken in een situatie, die niet iedereen opvallen.
Extreme reacties (enthousiast, extatisch, euforisch, trots, schuldig, angstig) en moeite hebben met het onderscheid maken tussen gevoelens van jezelf en de ander. ‘

Hoe kan deze voor veel slimmeriken; normale overprikkelbaarheid; die intensiteit van emoties en gevoelens én de extreme reacties leiden tot groei?

Doordat je meer waarneemt ‘in de wereld’ en je dieper geraakt wordt dan bij de meeste mensen het geval is wordt je meer en vaker geconfronteerd met alles wat er in je leeft.
De wereld fungeert als spiegel. Weliswaar is die regelmatig beslagen doordat je als slimmerik wezenlijk anders bent maar toch worden stukken van jezelf gespiegeld door allerlei gebeurtenissen en mensen. Los van ‘te veel aan prikkels binnen krijgen’ waardoor je overprikkeld raakt, kan je als ‘veel waarnemende slimmerik’ nog wel eens conflicten ervaren tussen je emoties & gevoelens die dat waarnemen met zich meebrengt en je gedachten.

Zolang er positieve ervaringen zijn zal de les niet geleerd worden maar zodra dat niet meer het geval is en er een conflict ontstaat, moet je wel ‘in jezelf duiken’ om te zien waar je staat. Negatieve ervaringen die pijn, teleurstelling, verdriet en boosheid te weeg brengen kunnen dienen als mest voor je groei. ‘Negatieve’ emoties & gevoelens en de intensiteit waarmee je kunt reageren, kunnen gekanaliseerd worden door te gaan kijken naar de oorzaak van de heftigheid waarmee je reageert. –en wat heftig is, bepaalt een ieder lekker voor zichzelf; alleen met een intrinsiek verlangen tot groei, ontstaat groei-

Dit kijken kan leiden naar een stuk zelfinzicht dat maakt dat je anders gaat waarnemen, voelen, interpreteren en reageren. Wanneer je diep in jezelf duikt kan je je kracht, kwaliteiten en liefde aanschouwen maar evengoed die donkere kant waar van alles huist waar je eigenlijk liever niet naar kijkt.
Door je eigen pijn en vreugde tot in den diepste te doorleven, er naar te kijken en te accepteren leer je jezelf kennen, kan je liefde en mededogen voor jezelf ontwikkelen. Iets waardoor je uiteindelijk beter voor jezelf leert zorgen om uiteindelijk zo met je overexcitabilities om te gaan dat je de vruchten plukt van je gevoeligheid en in veel mindere mate conflicten ervaart en extreem overprikkeld raakt. Een proces dat doorgaat totdat denken en voelen met elkaar versmolten zijn. Een proces dat ervoor zorgt dat je uiteindelijk ook met meer mededogen en empathie de wereld zult betreden.

Miscommunicatie

Het nadeel (en soms voordeel) van dusdanig intens reageren is dat mensen nog wel eens betekenis aan je gedrag koppelen die niet klopt met hoe jij in zijn totaliteit iets ervaart en wat je gedachten erover zijn.
Heftige reacties kunnen een aardige bron zijn van miscommunicatie. Hoe je reageert, is vaak maar een deel van wat je voelt en denkt. Leve de meerlagigheid van slimmeriken!
Je eerste primaire reactie op iets vervelends kan heftig zijn en dat kan doordat er iets in je brult om aandacht maar het kan evengoed met de intensiteit van de prikkel te maken hebben. Alsof je even in contact komt met ijskoud water en opveert. Iets waar veel normaal begaafden minder last (en lust) van lijken te hebben. Iemand moet je wel erg goed kennen om je werkelijke gevoel aan te voelen en te plaatsen.

Verzuipen of zwemmen

Om jezelf staande te houden is het van essentieel belang om te gaan kijken naar je reacties en wat er onder ligt. Niet alleen vanwege het contact met jezelf en je algehele welbevinden maar ook vanwege de interactie met de buitenwereld. Er zijn maar weinig mensen die zo ver zijn dat ze zinnig kunnen reageren op intense reacties, er geen oordeel van koppelen, hun grenzen goed kunnen aangeven en het niet op zichzelf betrekken.
De meeste mensen zullen eerder de benen nemen omdat ze niet weten hoe te reageren.
En met degene die niet zo snel zich omdraaien omdat ze even intens zijn kan er een proces ontstaan van aantrekken en afstoten. Natuurlijk kan je een ander verwijten dat door haar/zijn toedoen je zo emotioneel reageert en/of een helpende hand eisen maar wat je dan in feite doet is om een reddingsboei vragen om zodoende te voorkomen dat je niet bij je eigen diepte aankomt. Al kan een aai over je bol, een schouder om bij uit je huilen en een luisterend oor wonderen doen in het gehele proces.

Zwemmen

Ervaar en voel maar leer wel te zwemmen in dat bad van emoties en gevoel. Voorkom dat je verzuipt.

Wilma van Galen

VERVELING, STRESS, KICK! – de kunst van het uitstellen –

Wilma van Galen

Faalangst, perfectionisme, gebrek aan motivatie, slecht kunnen focussen, moeite met het stellen van prioriteiten, een aversie voor ‘moeten’ en juist goed kunnen functioneren onder tijdsdruk.
Er zijn meer dan genoeg redenen te bedenken om de badkamer niet schoon te maken en om alleen maar de haren uit het putje te vissen; je administratie onder de bank te schuiven en de rekeningen in de regel te betalen nà de derde aanmaning, dat ene stuk niet te schrijven terwijl de deadline steeds naderbij komt en om je biebboeken niet weg te brengen terwijl je bijna dagelijks zo ongeveer langs de bieb komt.

Uitstellen! Met een mooi woord ‘procrastineren’.
Je surft nog wat op het internet en zapt nog wat heen en weer terwijl je verveeld op de bank hangt. Pakt de badkamer aan terwijl je hoognodig je administratie moet doen. Midden in de nacht schrijf je met rode konen dàt stuk, levert het net op tijd en met een voldaan gevoel in en vergeet gemakshalve de weken van ‘dwaal, verveling en ergernis’. De afwas is net weg als de deurbel gaat maar wanneer je het zweet van je voorhoofd heb geveegd, blijkt het niet je vriendin te zijn maar een deurwaarder.

Natuurlijk moet je wel eens wat uitstellen. Omdat iets anders even net belangrijker is of omdat je zo’n persoon bent die eerst moet broeden op een tekst.< br/> Maar in veel gevallen zijn het andere oorzaken waarom je iets uitstelt.

Stress, ergernis, irritatie en schuldgevoelens kunnen het effect zijn van uitstellen. Je zelfbeeld zal er niet door groeien; ook niet wanneer je telkens weer ‘net op tijd bent’ want de periode daarvoor is vaak niet prettig. Het kan ervoor zorgen dat je kansen mist binnen je privé-leven en op je werk. En het kan een negatief effect hebben op je relaties en op je portemonnee.

ZEVEN TIPS OM IN BEWEGING TE KOMEN

  1. Onderzoek wat je waarden en doelen zijn. Wat wil je nu echt? Schrap activiteiten die niet bijdragen aan jouw waarden en doelen.
  2. Bekijk eens (wanneer je toch wat aan het surfen bent) het ‘Eisenhowerschema’. Houdt eens een week bij of je niet constant bezig bent met brandjes blussen in plaats van je focus te leggen op hetgeen ‘niet dringend doch wel belangrijk is’.
  3. Sta stil bij welk effect het heeft om je leven te leiden als een brandweerman m/v en hoe het zou kunnen zijn wanneer je de neiging om uit te stellen, uitgebannen hebt. Visualiseer een leven waarin je niet meer uitstelt.
  4. Blijf aardig voor jezelf wanneer je e i n d e l i j k aan de slag gaat met uitstelgedrag en je gaat toch weer een paar dagen zappend & surfend door het leven. Leren gaat met vallen en opstaan; sta weer op.
  5. Wees je er bewust van dat een ander soms kan denken & uitspreken dat je iets aan het uitstellen bent terwijl je simpelweg ergens op aan het broeden bent. Hanteer je eigen meetlat! 
  6. Als je last hebt van faalangst, perfectionisme en/of onderpresteren; ga ermee aan de slag. 
  7. Besef goed dat je niets moet. Je mag kiezen. Zolang het putje niet verstopt zit dan kan je douchen, toch?

Wilma van Galen

BONTJAS, DRUMBAND EN YOGHURT MET STUKJES – oftewel SENSORISCHE INFORMATIEVERWERKING –

Wilma van Galen

Als kind heb ik wild om mij heen geslagen én getrapt toen mijn grootouders mij zo nodig een bontjas wilde aantrekken. Ik was noch lang niet op de leeftijd om enige kritische noot over het dragen van bont te kunnen laten horen maar zo’n harig ding aan mijn lijf: ‘no way’. Ruim 40 jaar later zal ik niet meer fysiek en verbaal van mij af trappen maar er zijn nog steeds stoffen die het effect kunnen hebben dat ik letterlijk naar achteren deins.

Mijn vel reageert zeer selectief. Van vingertoppen die mijn huid beroeren ga ik niet ‘knorren van genoegen’ maar veel eerder ‘fiks aan mijn vel krabben’. En als kleuter wentelde ik mij maar al te graag in de modder terwijl die bontjas voor complete paniek heeft gezorgd.
Met voedsel; in het bijzonder ‘de structuur van voedsel’ heb ik dan weer geen moeite.
Al heb ik daarbij de mazzel dat ik uit de tijd stam dat er in yoghurt – in de regel- geen stukjes zaten. Geen vreemde substanties op jonge leeftijd in mijn mond! Op geluiden reageer ik dan wel weer heftig. Het is niet zo erg dat ik ziek van herrie wordt maar mijn handen plant ik, wanneer de plaatselijke drumband langs mijn huis paradeert echt wel tegen mijn oren aan. En elk kefje van de honden van mijn buren voel ik in mijn lijf weerkaatsen.
Mijn lijf is nog steeds bijzonder soepel maar aangezien ik geen stuur lijk te hebben was gymnastiek één grote ramp. En ik dans graag maar van het idee om voorgeprogrammeerde danspassen uit te moeten voeren blokkeer ik volledig.

SENSORISCHE PRIKKELS

Ik (en met mij nog wat familieleden) reageer iets anders op ‘sensorische prikkels’. Bloemencorso kijken is niet alleen maar leuk; het brengt ook de spanning met zich mee dat je weet dat die vreselijke drumband op een zeker moment vlak voor je voeten (én oren) langs komt denderen. Een aversie voor zand zie ik bij twee generaties terug komen.
Gras heeft ervoor gezorgd dat één kind al op zeer jonge leeftijd met buikspieroefeningen is begonnen omdat haar blote beentjes niet met die stinkende groene substantie in contact wilde komen. Koppeltje duikelen; ik ben niet de enige die er weinig van bakt.
En ach, terwijl mijn jongste op circus met trapeze begon was ze nog niet in staat om normaal te huppelen. Een bal vangen; ik duik weg en ook daarin ben ik niet de enige. Tijdens een familiediner moet er rekening gehouden worden dat er de nodige mensen zijn die maar van 4, 5 soorten voedingsmiddelen houden. Mijn vader liep en mijn jongste dochter loopt nog met blote armen terwijl de rest van de wereld al toe is aan een winterjas. Persoonlijk zie en maak ik er geen probleem van. Sommige dingen moet je ‘gewoon’ accepteren, bepaalde dingen vragen om ‘enige aanpassing’ en aan zaken die je werkelijk hinderen, moet je ‘gewoon’ werken.

SENSORISCHE GEVOELIGHEID

Die overgevoeligheid (en soms ‘ondergevoeligheid’) voor prikkels kom je tegen bij mensen met ADHD, mensen met een stoornis binnen het autistisch spectrum maar evengoed bij beelddenkers, Hsp’ers en mensen die hoogbegaafd zijn. En bij mensen met dyspraxie (DCD), dyslexie, dyscalculie, dysfasie en NLD. Ook mensen die de diagnose ‘selectief mutisme’ hebben, mensen met een beneden gemiddeld IQ en personen met allerlei syndromen waaronder het syndroom van Gilles de la Tourette (GTS) en bijvoorbeeld het Triple-x-syndroom zijn in de regel gevoeliger voor allerlei prikkels.
Tevens verloopt de sensorische informatieverwerking bij personen die hersenletsel hebben opgelopen, mensen met allergieën en voedselovergevoeligheid, jongeren in de puberteit en mensen die bijvoorbeeld een whiplash hebben opgelopen nog wel eens op een andere manier. Kortom; er zijn aardig wat mensen bij wie de sensorische informatieverwerking anders verloopt.

SENSORISCHE INFORMATIEVERWERKING

Kort uitgelegd: ‘sensorische informatieverwerking is het vermogen om zintuiglijke informatie op te nemen, te verwerken en de verschillende stukjes informatie aan elkaar te verbinden zodat we er adequaat op kunnen reageren. Vanuit de zintuigen wordt informatie naar verschillende delen van het zenuwstelsel gestuurd. Daar vindt ordening, selectie en samenkoppeling plaats. De zintuigen maken een eigen groei-ontwikkeling door maar werken niet afzonderlijk. Ze beïnvloeden elkaar en zullen uiteindelijk als een geheel moeten functioneren. Als de zintuigen goed met elkaar samenwerken en informatie goed wordt verwerkt in het zenuwstelsel stelt dat de mens in staat op een juiste manier te reageren op prikkels vanuit het eigen lichaam en de omgeving.
Op de website www.wateenverschil.info/ kan je nog veel meer lezen over het onderwerp en in dit artikel www.hiq.nl/service-verslez-211100.php wordt het één en ander uitgelegd over hoogbegaafdheid in relatie tot sensorische informatieverwerking.

MEETLAT EN MENGSELS

Wat een normale ontwikkeling is én wat normaal is wordt bepaald door wat men in deze tijd als normaal voor het gros van de mensheid beschouwd. Bovengenoemde groepen mensen ontwikkelen zich én zijn anders.
Aangezien er nogal wat overlap is tussen de verschillende manieren van ‘anders zijn’ en ieder mens uniek is ben ik van mening dat of je nu wel of geen diagnose / stempel hebt, je moet kijken naar het individu en de eventuele problematiek die ervaren wordt.
En volgens mij is het zinnig om aan dat ‘anders zijn’ geen woorden als ‘probleem’ en ‘problematiek’ te koppelen. Woordgebruik heeft invloed op je denken en ervaren. Het schiet niet op om weg te lopen van iets waar je echt tegen aan loopt maar iets als een probleem bekijken is een ander uiterste.
Het is opvallend dat ik tijdens mijn zoektocht naar informatie over sensorische informatieverwerking direct uitkwam bij ‘sensorische informatieverwerkingsproblematiek’. De toevoeging ‘problematiek’ vind je minder snel als je naar informatie zoekt over synesthesie, synthetiseren, beelddenken en top-down denken terwijl dat toch ook alles te maken heeft met een andere manier van informatie verwerken.
En je leest zelden iets over dat hoogbegaafden nog wel eens ‘weggezet’ worden als weinig gevoelig terwijl ze dat wel degelijk zijn maar een ander soort prikkel-verpakkingsmateriaal (de ratio) gebruiken om uiting te geven aan hun gevoelens. Iets waar vooral slimme vrouwen op afgerekend worden. Kortom; wie bepaald wanneer iets onder de noemer ‘probleem en problematiek’ valt? En wanneer is iets een probleem?

ZEVENS TIPS

Op bovengenoemde website en in ‘Zeven tips voor het omgaan met prikkels’ www.wilmavangalen.nl/html/blog_12.html staan een aantal tips die je kunt gebruiken in het omgaan met allerlei prikkels. Tips die ik er aan toe wil voegen:

  • Accepteer dat je anders reageert op allerlei soorten prikkels en dat je informatie anders verwerkt. Vaak zijn er naast ‘negatieve aspecten’ evenveel ‘positieve aspecten’.
  • Schop die meetlat opzij; kijk naar wat je werkelijk nodig hebt en zoek zo nodig naar oplossingen en alternatieven.
  • Laat je niet aanpraten dat je iets niet kan omdat je volgens de diagnose die je hebt gekregen iets niet kan. Je bent en blijft een uniek persoon!
  • Heftige reacties op bepaalde zintuigelijke prikkels kan je aanpakken door jezelf via een gewenningsproces steeds weer te confronteren met een bepaalde prikkel.
  • Accepteer dat wennen aan bepaalde prikkels en/of bepaalde dingen aanleren gepaard kunnen gaan met het ervaren van angst. Bouw langzaam op!
  • Stimuleer je lichaamsbesef. In ‘Zeven tips om fysiek scherp te blijven’ www.wilmavangalen.nl/html/blog_22.html staan wel wat tips om mee te starten.

Ga jongleren om de samenwerking tussen je hersenhelften te stimuleren. En/of start met bewegingsoefeningen die daarop gericht zijn en ervoor kunnen zorgen dat je (beter) leert te automatiseren. Iets dat je op eigen houtje kunt doen (voor hulpmiddelen en ideeën> www.braingym.nl/ ) maar je kan natuurlijk ook begeleiding zoeken. Zelf ben ik aan het jongleren geslagen en als ik toe ben aan de volgende horde dan vraag ik Gera de Leeuw om begeleiding. Angst voor beweging zit nog aardig in mijn lijf en om bepaalde zaken te leren heb ik iemand nodig die begrip heeft voor mijn angst, paniek en onhandigheid en mij af en toe een zetje geeft of ‘terug haalt’.

Ik schreef al in het begin dat je sommige dingen ‘gewoon’ moet accepteren; dat bepaalde dingen vragen om ‘enige aanpassing’ en dat je moet werken aan zaken.
Enigszins simplistisch uitgedrukt want het kost wel tijd, lef en doorzettingsvermogen. Ook na een week vliegen bij mij nog de twee ballen in het rond en het heeft mij wel een jaar gekost voordat ik quasi nonchalant zei: ‘doe mij maar drie jongleerballen’. En dansles? Later…………………

Wilma van Galen